Meer
Publicatiedatum: 08-10-2020

Inhoud

Programma onderdelen

Financiële begroting

Financiële begroting

1. Overzicht van baten en lasten in de begroting

Het overzicht van baten en lasten in de begroting bevat:

  1. de baten, de lasten en het saldo per programma.
  2. de algemene dekkingsmiddelen.
  3. de kosten van de overhead.
  4. verwachte heffing voor de vennootschapsbelasting.
  5. het bedrag voor onvoorzien.
  6. het totaal saldo van baten en lasten.
  7. toevoegingen en onttrekkingen aan reserves per programma.
  8. het geraamde resultaat.

 

(bedragen x € 1.000) X 2021 X 2022 X 2023 X 2024
Programma’s Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo
1. Opgroeien in Epe 592 13.396 -12.803 592 13.118 -12.525 592 13.143 -12.551 592 13.143 -12.551
2. Actief in Epe 516 4.059 -3.543 516 4.085 -3.569 516 4.085 -3.569 516 4.085 -3.569
3. Zorg en opvang 307 11.839 -11.533 307 11.949 -11.643 307 12.080 -11.774 307 12.289 -11.982
4. Leefbaar en veilig 2 2.399 -2.397 2 2.399 -2.397 2 2.399 -2.397 2 2.399 -2.397
5. Ruimte en wonen 2.695 4.171 -1.476 2.698 3.971 -1.273 2.545 3.971 -1.426 2.301 3.971 -1.670
6. Epe op orde 1.240 7.278 -6.038 1.167 7.244 -6.077 1.142 7.293 -6.151 1.142 7.329 -6.187
7. Duurzaamheid 7.357 7.181 176 7.357 7.181 176 7.357 7.181 176 7.357 7.181 176
8. Toezicht en handhaving 110 644 -534 110 494 -384 110 494 -384 110 494 -384
9. Bedrijvigheid 8 678 -670 8 678 -670 8 678 -670 8 678 -670
10. Weer aan het werk 6.793 14.853 -8.060 6.793 14.744 -7.951 6.793 14.729 -7.936 6.793 14.415 -7.622
11. Bestuur en organisatie 404 3.302 -2.898 353 3.792 -3.438 339 4.374 -4.035 484 3.828 -3.344
Subtotaal saldo programma's 20.023 69.799 -49.776 19.902 69.654 -49.752 19.711 70.428 -50.717 19.612 69.812 -50.200
Algemene dekkingsmiddelen:
- Lokale heffingen 8.593 460 8.133 6.100 437 5.663 6.993 437 6.556 7.130 437 6.693
- Algemene uitkering 51.282 11 51.271 51.134 11 51.123 51.080 11 51.069 50.560 11 50.549
- Dividend 135 4 131 135 4 131 135 4 131 135 4 131
- Saldo financieringsfunctie 1.209 -235 1.444 1.209 -230 1.439 1.209 -90 1.299 1.209 -90 1.299
- Overige algemene dekkingsmiddelen - 128 -128 - 128 -128 0 128 -128 0 128 -128
Subtotaal algemene dekkingsmiddelen 61.219 367 60.852 58.577 349 58.229 59.416 489 58.928 59.033 489 58.545
Overheadkosten - 9.530 -9.530 - 9.633 -9.633 - 9.633 -9.633 - 9.563 -9.563
Heffing Vennootschapsbelasting - - - - - - - - - - - -
Onvoorzien - 101 -101 - 101 -101 - 101 -101 - 101 -101
Geraamde totaal saldo van baten en lasten 81.242 79.796 1.445 78.479 79.736 -1.257 79.127 80.650 -1.523 78.645 79.964 -1.319
Mutaties in reserves:
1: Opgroeien in Epe 46 532 -486 86 532 -446 86 532 -446 86 532 -446
2: Actief in Epe - 3 -3 - 3 -3 - 3 -3 - 3 -3
3: Zorg en opvang 2.361 125 2.236 - 125 -125 - 125 -125 - 125 -125
4: Leefbaar en veilig - - - - - - - - - - - -
5: Ruimte en wonen 280 155 124 54 158 -105 204 155 48 363 155 207
6: Epe op orde 254 408 -155 254 408 -155 254 408 -155 254 408 -155
7: Duurzaamheid 3 3 - 3 3 - 3 3 - 3 3 -
8: Toezicht en handhaving - - - - - - - - - - - -
9: Bedrijvigheid - - - - - - - - - - - -
10: Weer aan het werk 26 72 -46 26 72 -46 26 72 -46 26 72 -46
11: Bestuur en organisatie 4.757 6.077 -1.320 3.599 1.698 1.901 2.679 645 2.034 2.457 645 1.813
12: Algemene dekkingsmiddelen 440 2.350 -1.910 420 361 60 400 361 40 329 361 -31
Overhead 738 623 115 738 561 177 738 561 177 668 561 107
Totaal mutaties in reserves 8.904 10.349 -1.445 5.179 3.922 1.257 4.389 2.865 1.524 4.185 2.865 1.320
Geraamde resultaat 90.146 90.146 - 83.659 83.658 1 83.516 83.515 1 82.830 82.829 1

2. Toelichting op het overzicht baten en lasten

De toelichting op het overzicht van baten en lasten bevat:

  1. Het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen: lokale heffingen.
  2. Inzicht in de gehanteerde prijzen, lonen en rentepercentages.
  3. Het overzicht van de incidentele baten en lasten en de structurele ruimte met toelichting.
  4. Het overzicht van de structurele mutaties in de reserves met toelichting

 

Toelichting op de mutatie per programma

In de toelichting op de mutaties per programma wordt inzicht gegeven in de baten en lasten per afzonderlijk programma en wordt een analyse gegeven van de verschillen die zijn ontstaan tussen de begrote bedragen in 2020 en 2021. Dit betreffen de bestaande baten en lasten, uitgaande van het bestaande beleid. De ‘budgetaanpassingen’ als gevolg van de voortzetting van bestaand beleid (en perspectiefbrief) zijn in de verschillende plannen per programma per pijler toegelicht. In bijlage 5 wordt inzicht gegeven in de lasten en baten per taakveld.

Algemene Dekkingsmiddelen: Lokale heffingen


bedragen x € 1.000

Onderwerp

Realisatie
2019

Begroting
2020

Begroting
2021

Begroting
2022

Begroting
2023

Begroting
2024

Onroerendezaakbelasting

5.493

5.824

6.047

6.328

6.467

6.604

Hondenbelasting

76

77

68

-

-

-

Precariobelasting

2.084

2.347

2.086

97

97

97

Forensenbelasting

330

313

342

342

342

342

Toeristenbelasting

787

730

749

786

786

786

Opbrengst algemeen[1]

48

-689

-699

-1.453

-699

-699

Totaal bruto opbrengst

8.818

8.602

8.593

6.100

6.993

7.130

Kosten

426

504

460

437

437

437

Totaal netto opbrengst

8.392

8.098

8.133

5.663

6.556

6.693

[1] In de opbrengst algemeen zijn opgenomen de terug te vorderen invorderingskosten en de woonlastenverlichting.

Voor een toelichting op de belastingopbrengsten wordt verwezen naar de Paragraaf Lokale Heffingen.

Prijzen, lonen en rentepercentage

Bij het opstellen van deze (meerjaren)begroting zijn de volgende percentages gehanteerd:

Component

2021

2022

2023

2024

Prijsstijging

1,7%

1,5%

1,5%

1,5%

Loonstijging

2,8%

2,1%

2,0%

1,7%

Rente kort geld

0,0%

0,0%

1,0%

1,0%

Rente lang geld

0,1%

0,2%

2,0%

2,0%


De percentages van de autonome loon- en prijsstijgingen zijn gebaseerd op de indicaties die hiervoor zijn gegeven in de meicirculaire 2020 van de algemene uitkering uit het gemeentefonds. Zo nodig wordt aanvullend hierop een ‘correctie’ toegepast op basis van het geactualiseerde percentage voor het lopende begrotingsjaar.


Ingaande 2019 wordt voor de prijsstijging het Imoc (inflatie materiële overheidsconsumptie)-percentage gehanteerd. Dit is het stijgingspercentage dat ook gehanteerd wordt bij de rijksbegroting c.q. de algemene uitkering uit het gemeentefonds.


Voor de bepaling van het te hanteren rentepercentage wordt de lange termijn visie van De Nederlandse Bank gehanteerd. Gelet op de prognose van de Nederlandse Bank zijn de rentepercentages tijdelijk verlaagd voor 2021 en 2022. Met ingang van 2022 zijn structureel de
hierboven aangegeven percentages aangehouden.

 

Overzicht van de geraamde incidentele baten en lasten en de structurele ruimte met toelichting

Dit overzicht geeft inzicht in het structurele en reële evenwicht van de begroting op korte en langere termijn:

  1. Een structureel evenwicht houdt in dat de structurele lasten worden gedekt door structurele baten.
  2. Een reëel evenwicht houdt in dat de geraamde bedragen volledig, realistisch en haalbaar zijn.

bedragen x € 1.000

Programma            

2021

2022

2023

2024

Lasten

Baten

Lasten

Baten

Lasten

Baten

Lasten

Baten

1.   Opgroeien in Epe

54

-

-

-

-

-

-

-

2.   Actief in Epe

26

-

-

-

-

-

-

-

3.   Zorg en Opvang

76

-

40

-

-

-

-

-

4.   Leefbaar en veilig

-

-

-

-

-

-

-

-

5.   Ruimte en wonen

200

-

-

-

-

-

-

-

6.   Epe op orde

-

-

-

-

-

-

-

-

7.   Duurzaamheid

-

-

-

-

-

-

-

-

8.   Toezicht en handhaving

150

-

-

-

-

-

-

-

9.   Bedrijvigheid

-

-

-

-

-

-

-

-

10. Weer aan het werk

-

40

-

40

-

-

-

-

11. Bestuur en Organisatie

-

-

32

-

-

-

-

-

Algemene dekkingsmiddelen

-

1.235

-

-754

-

-

-

-

Overhead

80

-

-

-

-

-

-

-

Resultaatbestemming

8.858

6.657

2.064

1.726

989

849

970

708

Totaal

 9.444

7.932

2.136

1.012

989

849

970

708


bedragen x € 1.000;  
+=structurele ruimte

Structurele ruimte                                    

2021

2022

2023

2024

Geraamde resultaat

0

1

1

1

Saldo eenmalige baten (+) / lasten (-)

1.512

1.124

140

262 

Gecorrigeerd saldo / structurele ruimte  

   1.512

1.125 

141 

263  

 

Uit het overzicht blijkt dat het begrotingsresultaat wordt beïnvloed door incidentele baten en lasten. De incidentele lasten zijn hoger dan de incidentele baten. Hieruit wordt geconcludeerd dat de structurele lasten worden gedekt door de structurele baten. En dat daarmee sprake is van een structureel sluitende (meerjaren)begroting.

Het jaar 2024 laat een positief structureel begrotingssaldo zien. Echter is in 2024 een structurele taakstellende stelpost opgenomen van 1,2 miljoen (uitgaven verlagend/inkomsten verhogend). Hierdoor is er sprake van een structureel begrotingstekort vanaf 2024. In de komende jaren zullen maatregelen worden getroffen om dit structurele tekort op te kunnen vangen.

 

Toelichting incidentele bedragen per programma ≥ € 50.000:

Programma 1:

  • Jongeren op Gezond Gewicht; € 54.000 voor het jaar 2021

 

Programma 5:

  • Aanvullende capaciteit omgevingswet; € 200.000 in 2021.

 

Programma 8:

  • Vitalisering vakantieparken; €150.000 in 2021.

 

Algemene dekkingsmiddelen:

  • Precariobelasting kabels en leidingen; baten van € 1.989.000 in 2021. Hier staat een storting in de reserve precariobelasting tegenover.
  • Teruggave precariobelasting; voor de jaren 2021 en 2022 € 754.000 per jaar.

 

Overhead:

  • Organisatie brede taakstelling; € 80.000 voor 2021.

 

Overzicht van de geraamde structurele mutaties in reserves met toelichting.

Dit overzicht ondersteunt bij de bepaling en de beoordeling van het structurele evenwicht in de begroting.


bedragen x € 1.000

Naam reserve

2021

2022

2023

2024

Toev.

Onttr.

Toev.

Onttr.

Toev.

Ontt.

Toev.

Onttr.

Eenmalige dekkingsmiddelen

-

500

-

500

-

500

-

500

ICT investeringen

445

512

452

512

459

512

466

512

Vervanging openbare verlichting

276

-

280

-

284

-

288

-

Onderhoud Abri's

9

-

9

-

9

-

9

-

Overdracht fietspaden RGV

-

47

-

47

-

48

-

49

Vervanging bruggen

72

-

73

-

74

-

75

-

Egalisatie winstuitkering Nuon

11

54

10

54

9

54

8

54

Verkoop 14 aandelen VNB (6%)

24

98

20

78

16

58

14

38

Afl. achtergestelde lening Nuon

38

38

38

38

38

38

38

38

Afl. achtergestelde lening Vitens

43

43

47

47

47

47

47

47

Meubilair gymlokalen

22

20

22

21

23

21

23

32

Huisvesting onderwijsvoorzieningen

500

26

500

26

500

26

500

27

Participatie

-

26

-

26

-

26

-

26

Starterslening

52

8

53

9

54

10

54

10

Dekking kapitaallasten

-

875

-

1.740

-

1.835

-

1.772

Totaal structureel

1.491

2.246

1.502

3.097

1.511

3.174

1.521

3.103

 

3. Uiteenzetting van de financiële positie en de toelichting

In de uiteenzetting van de financiële positie worden de consequenties opgenomen van het beleid dat in de begroting is opgenomen.

De volgende onderwerpen komen aan de orde:

  • Financiële gevolgen van het bestaande beleid en voortzetting van beleid uit de vorige meerjarenbegroting / perspectiefbrief 2021, zoals in de programma’s opgenomen
  • Vrijkomende eenmalige middelen
  • Investeringen (economisch / maatschappelijk nut)
  • Investeringen (vervanging / uitbreiding)
  • Financiering
  • Stand en verloop reserves en voorzieningen
  • Geprognosticeerde begin- en eindbalans
  • EMU-Saldo
  • Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen

 

Financiële gevolgen bestaand beleid en voortzetting beleid vorige meerjarenbegroting / perspectiefbrief 2021, zoals in de programma’s opgenomen

De uitkomst van de jaarlijkse afweging in het kader van het begrotingsproces, is samengevat in het volgende overzicht van de cumulatieve ontwikkeling van lasten en baten. Voor een gedetailleerd overzicht wordt verwezen naar de bijlagen bij deze begroting.


bedragen x € 1.000

 

2021

2022

2023

2024

Bestaand beleid (budgetprognose)

1.928

1.234

-85

-960

Dekkingsmogelijkheden

22

115

355

115

Voortzetting beleid vorige meerjarenbegroting / perspectiefbrief 2021

-1.843

-1.239

-160

955

Reeds geplande projecten/ Investeringen (uit vorige meerjareninvesteringsplan) c.q. projecten a.g.v. wettelijke plicht

-107

-109

-109

-109

Nieuw beleid deze meerjarenbegroting

-

-

-

-

Nieuwe investeringen

-

-

-

-

Saldo meerjarenbegroting

0

1

1

1

 

Vrijkomende eenmalige middelen

De volgende reserves bevatten een surplus dat binnen de begroting wordt ingezet voor incidentele uitgaven:

Reserve

Vrijkomend bedrag in euro

90000 Algemene reserve (surplus boven € 2,5 mln.)

1.457.000

96028 Reserve risico’s sociaal domein (surplus, maximaal 5%, 3 jaar)

 1.971.000

99000 Reserve bouwgrondexploitatie (surplus)

226.000

99010 Reserve egalisatie hondenbelasting (surplus)

 51.000

Totaal

3.705.000

 

Investeringen

Dit onderdeel bevat een totaal overzicht van de investeringen die de gemeente gepland heeft in het meerjareninvesteringsplan 2021-2024. Voor een gedetailleerd overzicht wordt verwezen naar de bijlagen bij deze begroting. Het hier gegeven inzicht is een onderverdeling naar investeringen met een economisch nut en investeringen met een maatschappelijk nut en daarnaast naar vervangingsinvesteringen en uitbreidingsinvesteringen.

Alle investeringen moeten verplicht geactiveerd en afgeschreven worden over de verwachte levensduur. De kosten daarvan (de kapitaallasten) worden in de lasten opgenomen. Als er sprake is van financiering vanuit eenmalig beschikbare middelen of reserves, dan vindt jaarlijks een structurele onttrekking plaats aan een daartoe gevormde kapitaallastenreserve ter grootte van de kapitaallasten. Hierdoor heeft het opnemen van kapitaallasten van een investering die gedekt wordt uit reserves of eenmalige middelen geen effect op het saldo van de begroting.


Bedragen x € 1.000

Investeringsbedragen 

2021

2022

2023

2024

Economisch nut

3.120

2.280

3.086

2.348

Maatschappelijk nut

1.299

32

281

-

 

Vervangingsinvesteringen

3.789

2.312

3.367

2.348

Uitbreidingsinvesteringen

630

-

-

-

Totale investeringen

4.419

2.312

3.367

2.348

 

Financiering

Hiervoor wordt verwezen naar de Paragraaf Financiering. 

 

Stand en verloop reserves en voorzieningen

Voor het verloop van de reserves en voorzieningen wordt verwezen naar de bijlagen bij deze begroting.

 

Geprognosticeerde begin- en eindbalans

Dit onderdeel bevat de verwachte begin- en eindbalans over het begrotingsjaar 2020 en de drie daaropvolgende jaren.

bedragen in € 1.000

Activa

balans

2019

Geprognosticeerde balans per ultimo

2020

2021

2022

2023

2024

(im)Materiële vast activa

55.804 56.314 58.390 58.416 57.246 54.994

Financiële vaste activa: Kapitaalverstrekking

- - - - - -

Financiële vaste activa: Leningen

4.759 4.759 4.759 4.759 4.759 4.759
Financiële vaste activa: Uitzettingen > 1 jaar 194 194 194 194 194 194
Totaal Vaste Activa 60.757 61.267 63.343 63.369 62.199 59.947
 

Voorraden:
Onderhanden werk en overige grond- en hulpstoffen

-393 -393 -393 -393 -393 -393

Voorraden:
Gereed product en handelsgoederen en vooruitbetalingen

- - - - - -

Uitzettingen korter 1 jaar

2.595 2.595 2.595 2.595 2.595 2.595

Liquide middelen

2 2 2 2 2 2

Overlopende activa

10.799 10.799 10.799 10.799 10.799 10.799
Totaal Vlottende Activa 13.003 13.003 13.003 13.003 13.003 13.003
 

Totaal activa

73.760 74.270 76.346 76.372 75.202 72.950

 

Passiva

Balans

2019

Geprognosticeerde balans per ultimo

2020

2021

2022

2023

2024

Eigen vermogen

57.376

54.837 56.283 55.026 53.503 52.184

Voorzieningen

8.386

8.424 7.976 8.022 7.841 7.998

Vaste schulden

-

- - - - -
Totaal Vaste Passiva 65.762 63.262 64.259 63.048 61.344 60.182
 

Vlottende schulden

5.899

8.909 9.988 11.225 11.759 10.669

Overlopende passiva

2.099

2.099 2.099 2.099 2.099 2.099
Totaal Vlottende Passiva 7.998 11.008 12.087 13.324 13.858 12.768
 

Totaal passiva

 73.760

74.270 76.346 76.372 75.202 72.950

 

 

EMU-saldo

Dit onderdeel bevat het verwachte EMU-saldo over het begrotingsjaar 2021 en de drie daaropvolgende jaren, gebaseerd op de voorgaande geprognosticeerde balans. Het EMU-saldo geeft de mutatie in het saldo van de activa en passiva van de collectieve sector weer.

bedragen in € 1.000

 

2020

2021

2022

2023

2024

Mutaties in het jaar

Activa

Financiële vaste activa

kapitaal-verstrekkingen

-

-

-

-

-

Uitzettingen

-

-

-

-

-

Vlottende activa

Uitzettingen

-

-

-

-

-

Liquide middelen

-

-

-

-

-

Overlopende passiva

-

-

-

-

-

Passiva

Vaste passiva

Vaste schuld

-

-

-

-

-

Vlottende passiva

Vlottende schuld

-3.010

-1.078

-1.237

-534

1.090

Overlopende passiva

-

-

-

-

-

EMU-saldo

-3.010

-1.078

1.237

-534

1.090

EMU-saldo referentiewaarde

-3.397

-3.228

-3.228

-3.228

-3.228

Verschil

387

2.150

1.991

2.694

4.318

 

Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen
Dit onderdeel bevat de zogenoemde jaarlijks terugkerende aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. Daaronder worden verstaan de aanspraken op toekomstige uitkeringen door huidig dan wel voormalig personeel. Het Besluit Begroting en Verantwoording schrijft voor dat jaarlijkse arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume via de exploitatie moeten lopen. Als de verplichtingen niet van een vergelijkbaar volume zijn, dan moet hiervoor een voorziening worden getroffen. Toepassing van deze voorschriften leidt tot de volgende situaties:

  1. Salariskosten
    Voor het begroten van de salariskosten wordt uitgegaan van trede 10 van de functieschaal (organieke raming). De toelagen en vergoedingen worden individueel begroot.

  2. WW-conforme uitkeringen en aanvullende WW-uitkeringen en na-wettelijke uitkeringen
    Medewerkers die op grond van artikel 10 van de cao gemeenten worden ontslagen kunnen recht hebben op een aanvullende uitkering die gekoppeld is aan het recht op WW.
    Vanaf 2020 bestaat ook het recht op een transitievergoeding (met uitzondering van ontslag wegens reorganisatie en disfunctioneren).

  3. Wachtgelden en pensioenen wethouders, voorziening vanaf 2001
    Ten behoeve van de wachtgelden en pensioenen van wethouders is een voorziening getroffen. Op basis van de opbouw van de pensioenrechten, waarvoor jaarlijks door een extern bureau een berekening wordt gemaakt, wordt berekend in hoeverre de voorziening moet worden aangevuld.

  4. Wachtgelden en pensioenen wethouders voor 2001
    De wachtgelden en pensioen van wethouders voor 2001 worden jaarlijks bekostigd uit een structureel daarvoor opgenomen post binnen de begroting. Hiervoor is geen voorziening getroffen. De berekening van deze pensioenen en wachtgelden, evenals de uitbetaling daarvan, is uitbesteed.

  5. Levensloopregeling
    De levensloopregeling is een aflopende regeling die in 2021 volledig vervalt. Eind 2020 wordt het laatste tegoed verzilverd.

  6. Generatiepactregeling
    De Generatiepactregeling van de gemeente Epe loopt van 1 januari 2019 tot en met 31 december 2020. Voor deelnemende medewerkers wordt o.b.v. salaris en het gekozen arrangement een bedrag gereserveerd. Er kunnen nog ongeveer 18 mensen deelnemen tot het einde van de looptijd van de Generatiepactregeling. Vanuit de evaluatie van de regeling kan blijken dat de regeling gecontinueerd wordt binnen de bestaande middelen (opgenomen in een reserve).

  7. Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA) en Ziektewet (ZW)
    Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA). Vanaf 1 januari 2017 is de gemeente ook eigen risicodrager voor de Ziektewet en WGA-flex. Daarmee is gemeente in het kader van ziekte en arbeidsongeschiktheid volledig uit het publieke stelsel gestapt. Voor het beperken van de schadelast is een verzekering met een particuliere verzekeraar afgesloten.

  8. Individueel Keuze Budget (IKB)
    Dit is een budget dat per maand wordt opgebouwd en waarvoor de volgende bronnen zijn gebruikt: de eindejaarsuitkering, de vakantie-uitkering, de levensloopbijdrage en 2 bovenwettelijke vakantiedagen. De medewerker bepaalt gedurende het jaar zelf waar hij het budget voor in wil zetten. In de maand december wordt uitbetaald wat nog resteert in het budget en vervolgens begint met ingang van het nieuwe jaar de opbouw weer opnieuw.
    Het IKB geeft de mogelijkheid voor een full-timer medewerker om maximaal 144 uur aan verlof te kopen.

  9. Verkoop verlofuren
    Naast de koop van verlof-uren biedt het IKB ook de mogelijkheid tot verkoop van verlofuren. Dit kan tot maximaal 72 uren voor een voltijds medewerker.

 

Toelichting mutaties programma 1 | Opgroeien in Epe

Financiële begroting

Bedragen * € 1.000
Realisatie 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022 Begr 2023 Begr 2024
Lasten bestaand beleid 11.745 13.973 13.264 13.040 13.019 13.019
Lasten voortzetting beleid vorige MJB - - 132 78 124 124
Lasten totaal 11.745 13.973 13.396 13.118 13.143 13.143
Baten bestaand beleid 447 570 592 592 592 592
Baten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 0 0 0
Baten totaal 447 570 592 592 592 592
Saldo -11.298 -13.403 -12.804 -12.526 -12.551 -12.551

Toelichting op de mutaties

Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel ; - is een nadeel ; bedragen in € 1.000
Lasten:
· Lasten voortzetting beleid vorige MJB: dit betreffen de financiële consequenties van de voortzetting van het (nieuwe) beleid uit de vorige meerjarenbegroting. Een specificatie hiervan is opgenomen in programma 1 van deel 1. -132
· De begroting van de lasten van de jeugdzorg (o.a. jeugdzorg, jeugdbescherming en ggz) is gebaseerd op de ontwikkeling van de werkelijke uitgaven in 2019, rekening houdend met de ontwikkelingen binnen de jeugdzorg. De grootste mutaties ten opzichte van de vorige begroting betreffen bovenregionale zorg (+€ 54.000) en behandeling (+€ 568.000). Daarnaast is het jeugdwetvervoer aangesloten bij de begroting basismobiliteit (+ € 22.000). Tegenover de lagere lasten voor jeugdzorg staan hogere inkomsten van het rijk (programma 12 algemene dekkingsmiddelen) en hogere lasten voor de Wmo (programma 3). Een voor- of nadelig saldo op het sociaal domein (jeugdzorg/Wmo) wordt verrekend met de reserve risico's sociaal domein. 596
· De begroting voor het leerlingenvervoer en het jeugdwetvervoer is gebaseerd op de begroting 2021-2024 van de Gemeenschappelijke Regeling Basismobiliteit. Door een verschuiving binnen de begroting van leerlingenvervoer naar dagbestedingsvervoer en enkele andere oorzaken (resultaat aanbesteding, wijziging bezettingsgraad, wijze van plannen en daling aantal kilometers) zijn de kosten voor leerlingenvervoer en jeugdwetvervoer lager. Hiermee wordt ook de opgenomen taakstelling gerealiseerd. Na afloop van het jaar 2021 zal de definitieve afrekening plaatsvinden op basis van de dan vastgestelde vereveningssystematiek. 126
· Incidentele verschillen als gevolg van het niet meer opnemen in 2021 van restantbudgetten en eenmalige uitgaven uit 2020 en mutaties in kapitaallasten en in de toerekening van personele kosten leiden tot een nadeel op dit programma. Voor een analyse van de kapitaallasten, de ontwikkeling van de personeelskosten, loon- en prijsstijgingen wordt verwezen naar bijlage 8. -48

Toelichting mutaties programma 2 | Actief in Epe

Financiële begroting

Bedragen * € 1.000
Realisatie 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022 Begr 2023 Begr 2024
Lasten bestaand beleid 4.050 4.789 4.085 4.085 4.085 4.085
Lasten voortzetting beleid vorige MJB - - -26 0 0 0
Lasten totaal 4.050 € 4.789 4.059 4.085 4.085 4.085
Baten bestaand beleid 611 506 516 516 516 516
Baten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 0 0 0
Baten totaal 611 506 516 516 516 516
Saldo -3.439 -4.283 -3.543 -3.569 -3.569 -3.569

Toelichting op de mutaties

Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel ; - is een nadeel ; bedragen in € 1.000
Lasten:
· Lasten voortzetting beleid vorige MJB: dit betreffen de financiële consequenties van de voortzetting van het (nieuwe) beleid uit de vorige meerjarenbegroting. Een specificatie hiervan is opgenomen in programma 2 van deel 1. 26
· Incidentele verschillen als gevolg van het niet meer opnemen in 2021 van restantbudgetten en eenmalige uitgaven uit 2020 en mutaties in kapitaallasten en in de toerekening van personele kosten leiden tot een voordeel op dit programma. Voor een analyse van de kapitaallasten, de ontwikkeling van de personeelskosten, loon- en prijsstijgingen wordt verwezen naar bijlage 8. 693

Toelichting mutaties programma 3 | Zorg en opvang

Financiële begroting

Bedragen * € 1.000
Realisatie 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022 Begr 2023 Begr 2024
Lasten bestaand beleid 10.726 11.008 11.821 11.903 12.074 12.282
Lasten voortzetting beleid vorige MJB - - 19 47 7 7
Lasten totaal 10.726 11.008 11.840 11.950 12.081 12.289
Baten bestaand beleid 1.180 267 307 307 307 307
Baten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 0 0 0
Baten totaal 1.180 267 307 307 307 307
Saldo -9.546 -10.741 -11.533 -11.643 -11.774 -11.982

Toelichting op de mutaties

Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel ; - is een nadeel ; bedragen in € 1.000
Lasten:
· Lasten voortzetting beleid vorige MJB: dit betreffen de financiële consequenties van de voortzetting van het (nieuwe) beleid uit de vorige meerjarenbegroting. Een specificatie hiervan is opgenomen in programma 3 van deel 1. -19
· De kosten van individuele begeleiding stijgen met € 565.000. Dit wordt veroorzaakt door de groei van het aantal mensen met een zorgvraag. Deze groei wordt veroorzaakt door de uitstroom van inwoners vanuit maatschappelijke opvang en beschermd wonen, de invoering van het abonnementstarief en de aanzuigende werking, de toename van complexere problematiek, de demografische ontwikkeling, snellere uitstroom vanuit zwaardere zorg en de gemeentelijke taak om inwoners te ondersteunen om zo lang mogelijk zelfstandig thuis te blijven wonen. -565
· Door de invoering van het abonnementstarief en een grotere zorgvraag is de verwachting dat de lasten voor huishoudelijke hulp zullen toenemen. -326
· De afgelopen jaren is de vraag naar praktische gezinsondersteuning toegenomen; dit zorgt voor hogere lasten van € 50.000. -50
· De dagbesteding is ingericht als algemene voorziening. Deze voorziening is laagdrempelig toegankelijk, draagt bij aan een efficiëntere werkwijze en meer onderlinge samenwerking tussen de organisaties. Hierdoor stijgen de lasten minder snel dan op basis van indexering zou worden verwacht. 93
· De begroting voor het dagbestedingsvervoer is gebaseerd op de begroting 2021-2024 van de Gemeenschappelijke Regeling Basismobiliteit. Door een verschuiving binnen de begroting van leerlingenvervoer naar dagbestedingsvervoer en enkele andere oorzaken zijn de kosten voor dagbestedingsvervoer per saldo lager. Dit resulteert in een voordelig effect van € 28.000. Een voor- of nadelig saldo op de hierboven genoemde mutaties valt onder het sociaal domein (jeugdzorg/Wmo) en wordt verrekend met de reserve risico's sociaal domein. 28
· Nieuwe overeenkomsten voor het leveren, repareren en onderhouden van Wmo hulpmiddelen leiden tot hogere kosten voor de onderhoudscontracten. Naar verwachting zullen door de mobiliteitsgarantie van negen jaar, die hierin is opgenomen, hoge herinvesteringskosten in de komende jaren kunnen worden voorkomen. Dit voordeel zal pas in de komende jaren tot uitdrukking komen. -120
· Incidentele verschillen als gevolg van het niet meer opnemen in 2021 van restantbudgetten en eenmalige uitgaven uit 2020 en mutaties in kapitaallasten en in de toerekening van personele kosten leiden tot een voordeel op dit programma. Voor een analyse van de kapitaallasten, de ontwikkeling van de personeelskosten, loon- en prijsstijgingen wordt verwezen naar bijlage 8. 154
Baten:
· Vanaf 2019 worden de abonnementsgelden voor o.a. de huishoudelijke hulp anders geregeld. Het effect van deze wijziging was voor 2020 moeilijk in te schatten. In de begroting 2021 is aangesloten bij de werkelijke inkomsten 2019. Dit resulteert in een voordeel van € 44.000. 44

Toelichting mutaties programma 4 | Leefbaar en veilig

Financiële begroting

Bedragen * € 1.000
Realisatie 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022 Begr 2023 Begr 2024
Lasten bestaand beleid 2.151 2.699 2.422 2.422 2.422 2.422
Lasten voortzetting beleid vorige MJB - - -23 -23 -23 -23
Lasten totaal 2.151 2.699 2.399 2.399 2.399 2.399
Baten bestaand beleid 0 2 2 2 2 2
Baten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 0 0 0
Baten totaal 0 2 2 2 2 2
Saldo -2.151 -2.697 -2.397 -2.397 -2.397 -2.397

Toelichting op de mutaties

Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel ; - is een nadeel ; bedragen in € 1.000
Lasten:
· Lasten voortzetting beleid vorige MJB: dit betreffen de financiële consequenties van de voortzetting van het (nieuwe) beleid uit de vorige meerjarenbegroting. Een specificatie hiervan is opgenomen in programma 4 van deel 1. 22
· Op basis van de begroting 2021 van de Veiligheidsregio Noord- en Oost Gelderland (VNOG) is de bijdrage € 153.000 hoger dan in 2020. De verhoging wordt in hoofdzaak veroorzaakt door de reguliere stijging (indexering) van de VNOG-begroting op basis van de uitgangspunten hiervoor en de (laatste stap in de fasegewijze) verhoging als gevolg van het nieuwe financiële verdeelmodel. -153
· Incidentele verschillen als gevolg van het niet meer opnemen in 2021 van restantbudgetten en eenmalige uitgaven uit 2020 en mutaties in kapitaallasten en in de toerekening van personele kosten leiden tot een voordeel op dit programma. Voor een analyse van de kapitaallasten, de ontwikkeling van de personeelskosten, loon- en prijsstijgingen wordt verwezen naar bijlage 8. 434

Toelichting mutaties programma 5 | Ruimte en wonen

Financiële begroting

Bedragen * € 1.000
Realisatie 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022 Begr 2023 Begr 2024
Lasten bestaand beleid 3.589 4.479 3.843 3.843 3.843 3.843
Lasten voortzetting beleid vorige MJB - - 328 128 128 128
Lasten totaal 3.589 4.479 4.171 3.971 3.971 3.971
Baten bestaand beleid 2.859 3.217 2.695 2.698 2.545 2.301
Baten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 0 0 0
Baten totaal 2.859 3.217 2.695 2.698 2.545 2.301
Saldo -730 -1.262 -1.476 -1.273 -1.426 -1.670

Toelichting op de mutaties

Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel ; - is een nadeel ; bedragen in € 1.000
Lasten:
· Lasten voortzetting beleid vorige MJB: dit betreffen de financiële consequenties van de voortzetting van het (nieuwe) beleid uit de vorige meerjarenbegroting. Een specificatie hiervan is opgenomen in programma 5 van deel 1. -328
· Incidentele verschillen als gevolg van het niet meer opnemen in 2021 van restantbudgetten en eenmalige uitgaven uit 2020 en mutaties in kapitaallasten en in de toerekening van personele kosten leiden tot een voordeel op dit programma. Voor een analyse van de kapitaallasten, de ontwikkeling van de personeelskosten, loon- en prijsstijgingen wordt verwezen naar bijlage 8. 549
· Lagere lasten bouwgrondexploitatie. Hier tegenover staan even grote lagere baten. 112
Baten:
· De raming opbrengst bouwleges valt lager uit door het uitblijven/uitstellen van grote bouwprojecten. In de afgelopen jaren werd de hoger dan gemiddelde opbrengst bouwleges nog toegevoegd aan de reserve egalisatie bouwleges. De komende jaren wordt een aanzienlijke verlaging van de opbrengst verwacht, mede als gevolg van de komst van de Omgevingswet. De lagere opbrengst kan nog tot en met 2023 worden gedekt door een onttrekking aan de reserve. -397
· Lagere baten bouwgrondexploitatie. Hier tegenover staan even grote lagere lasten. -112

Toelichting mutaties programma 6 | Epe op orde

Financiële begroting

Bedragen * € 1.000
Realisatie 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022 Begr 2023 Begr 2024
Lasten bestaand beleid 5.596 7.144 7.230 7.176 7.194 7.211
Lasten voortzetting beleid vorige MJB - - 48 68 100 119
Lasten totaal 5.596 7.144 7.278 7.244 7.294 7.330
Baten bestaand beleid 1.117 1.116 1.240 1.167 1.142 1.142
Baten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 0 0 0
Baten totaal 1.117 1.116 1.240 1.167 1.142 1.142
Saldo -4.479 -6.028 -6.038 -6.077 -6.152 -6.188

Toelichting op de mutaties

Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel ; - is een nadeel ; bedragen in € 1.000
Lasten:
· Lasten voortzetting beleid vorige MJB: dit betreffen de financiële consequenties van de voortzetting van het (nieuwe) beleid uit de vorige meerjarenbegroting. Een specificatie hiervan is opgenomen in programma 6 van deel 1. -48
· Incidentele verschillen als gevolg van het niet meer opnemen in 2021 van restantbudgetten en eenmalige uitgaven uit 2020 en mutaties in kapitaallasten en in de toerekening van personele kosten leiden tot een voordeel op dit programma. Voor een analyse van de kapitaallasten, de ontwikkeling van de personeelskosten, loon- en prijsstijgingen wordt verwezen naar bijlage 8. 155
· Door de reguliere indexatie van de kosten in de begroting voor het onderhoud van wegen en door de contractuele indexatie op de kosten van het uitbestede onderhoud van de openbare ruimte stijgen de kosten daarvan in 2021. -77
· De komende jaren is het nodig op de begraafplaatsen groot onderhoud te verrichten. Dit onder meer om de toegankelijkheid op peil te houden. De kosten worden gedekt door een verhoging van de begraafrechten (€ 28.000 vanaf 2020). Verwezen wordt naar het 'nieuw beleid' in de programmabegroting 2020-2023. In de eerste jaren worden de kosten 'voorgefinancierd' uit de voorziening begraven (97004). -133
· Om tot een volledige dekking van lasten te komen wordt een bedrag gestort in de voorziening voor lijkbezorgingsrechten. Dit heeft geen effect op het saldo van de begroting. -37
Baten:
· De kosten van groot onderhoud op de begraafplaatsen worden deels 'voorgefinancierd' uit de voorziening begraven. 133

Toelichting mutaties programma 7 | Duurzaamheid

Financiële begroting

Bedragen * € 1.000
Realisatie 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022 Begr 2023 Begr 2024
Lasten bestaand beleid 6.650 7.830 7.181 7.181 7.181 7.181
Lasten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 0 0 0
Lasten totaal 6.650 7.830 7.181 7.181 7.181 7.181
Baten bestaand beleid 6.275 7.260 7.357 7.357 7.357 7.357
Baten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 0 0 0
Baten totaal 6.275 7.260 7.357 7.357 7.357 7.357
Saldo -375 -570 176 176 176 176

Toelichting op de mutaties

Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel ; - is een nadeel ; bedragen in € 1.000
Lasten:
· Door veranderingen in de inzameling van grondstoffen, zoals besloten in het Grondstoffenplan, dalen de kosten in 2021 ten opzichte van de begrote kosten 2020. Door de verrekening van deze kosten met de afvalstoffenheffing heeft dit per saldo geen invloed op het saldo van de begroting. 186
· De kosten van de dienstverlening door de omgevingsdienst (OVIJ) zijn gebaseerd op de begroting van de OVIJ. Ten opzichte van de begroting van vorig jaar stijgen de kosten. Dit houdt met name verband met een toename van het aantal asbestmeldingen, waardoor de uitvoeringskosten bij de omgevingsdienst stijgen. -76
· De kosten van de dienstverlening door Tribuut zullen, op grond van de ontwerpbegroting 2021 van Tribuut, in 2021 hoger zijn. Door de verrekening van deze kosten met de rioolheffing heeft dit per saldo geen invloed op het saldo van de begroting. -45
· Incidentele verschillen als gevolg van het niet meer opnemen in 2021 van restantbudgetten en eenmalige uitgaven uit 2020 en mutaties in kapitaallasten en in de toerekening van personele kosten leiden tot een voordeel op dit programma. Voor een analyse van de kapitaallasten, de ontwikkeling van de personeelskosten, loon- en prijsstijgingen wordt verwezen naar bijlage 8. 575
Baten:
· Omdat overeenkomstig de besluitvorming bij het gemeentelijk rioleringsplan de tarieven verhoogd zijn, stijgen de inkomsten uit de rioolheffing. Daartegenover wordt in 2021 een lager bedrag onttrokken aan de voorziening riolering om de lasten volledig te dekken; dit leidt tot lagere baten. Per saldo resulteren deze mutaties in een nadeel op dit programma. Het heeft geen effect op het saldo van de begroting. -114
· De opbrengst afvalstoffenheffing is hoger als gevolg van autonome ontwikkelingen in aantallen en aanpassing van tarieven bij de kostenontwikkeling. 213

Toelichting mutaties programma 8 | Toezicht en handhaving

Financiële begroting

Bedragen * € 1.000
Realisatie 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022 Begr 2023 Begr 2024
Lasten bestaand beleid 1.406 1.233 494 494 494 494
Lasten voortzetting beleid vorige MJB - - 150 0 0 0
Lasten totaal 1.406 1.233 644 494 494 494
Baten bestaand beleid 73 107 110 110 110 110
Baten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 0 0 0
Baten totaal 73 107 110 110 110 110
Saldo -1.333 -1.126 -534 -384 -384 -384

Toelichting op de mutaties

Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel ; - is een nadeel ; bedragen in € 1.000
Lasten:
· Lasten voortzetting beleid vorige MJB: dit betreffen de financiële consequenties van de voortzetting van het (nieuwe) beleid uit de vorige meerjarenbegroting. Een specificatie hiervan is opgenomen in programma 8 van deel 1. -150
· Incidentele verschillen als gevolg van het niet meer opnemen in 2021 van restantbudgetten en eenmalige uitgaven uit 2020 en mutaties in kapitaallasten en in de toerekening van personele kosten leiden tot een voordeel op dit programma. Voor een analyse van de kapitaallasten, de ontwikkeling van de personeelskosten, loon- en prijsstijgingen wordt verwezen naar bijlage 8. 740

Toelichting mutaties programma 9 | Bedrijvigheid

Financiële begroting

Bedragen * € 1.000
Realisatie 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022 Begr 2023 Begr 2024
Lasten bestaand beleid 812 1.201 678 678 678 678
Lasten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 0 0 0
Lasten totaal 812 1.201 678 678 678 678
Baten bestaand beleid 88 8 8 8 8 8
Baten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 0 0 0
Baten totaal 88 8 8 8 8 8
Saldo -724 -1.193 -670 -670 -670 -670

Toelichting op de mutaties

Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel ; - is een nadeel ; bedragen in € 1.000
Lasten:
· Incidentele verschillen als gevolg van het niet meer opnemen in 2021 van restantbudgetten en eenmalige uitgaven uit 2020 en mutaties in kapitaallasten en in de toerekening van personele kosten leiden tot een voordeel op dit programma. Voor een analyse van de kapitaallasten, de ontwikkeling van de personeelskosten, loon- en prijsstijgingen wordt verwezen naar bijlage 8. 526

Toelichting mutaties programma 10 | Weer aan het werk

Financiële begroting

Bedragen * € 1.000
Realisatie 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022 Begr 2023 Begr 2024
Lasten bestaand beleid 14.991 15.652 14.893 14.784 14.729 14.415
Lasten voortzetting beleid vorige MJB - - -40 -40 0 0
Lasten totaal 14.991 15.652 14.853 14.744 14.729 14.415
Baten bestaand beleid 6.780 6.830 6.793 6.793 6.793 6.793
Baten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 0 0 0
Baten totaal 6.780 6.830 6.793 6.793 6.793 6.793
Saldo -8.211 -8.822 -8.060 -7.951 -7.936 -7.622

Toelichting op de mutaties

Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel ; - is een nadeel ; bedragen in € 1.000
Lasten:
· Lasten voortzetting beleid vorige MJB: dit betreffen de financiële consequenties van de voortzetting van het (nieuwe) beleid uit de vorige meerjarenbegroting. Een specificatie hiervan is opgenomen in programma 10 van deel 1. 40
· De vanuit het rijk beschikbare middelen voor de uitvoering van de wet sociale werkvoorziening (WSW) - welke door Lucrato wordt uitgevoerd - vallen € 320.000 lager uit (opgenomen onder de baten op programma 12). Deze lagere inkomsten betekenen voor de gemeente lagere lasten van de doorbetaling aan Lucrato voor de uitvoering van de WSW. 320
· Door een verwachte toename van het aantal mensen in Beschut Werk (€ 128.000) en een verwachte afname van het aantal mensen in de bijstand, zullen per saldo de lasten binnen de gebundelde uitkering inkomensvoorzieningen (BUIG) hoger uitvallen. Het verschil tussen inkomsten en uitgaven wordt conform het beleid verrekend met de reserve BUIG. -68
· Incidentele verschillen als gevolg van het niet meer opnemen in 2021 van restantbudgetten en eenmalige uitgaven uit 2020 en mutaties in kapitaallasten en in de toerekening van personele kosten leiden tot een voordeel op dit programma. Voor een analyse van de kapitaallasten, de ontwikkeling van de personeelskosten, loon- en prijsstijgingen wordt verwezen naar bijlage 8. 523
Baten:
· De rijksbijdrage voor de gebundelde uitkering inkomensvoorzieningen (BUIG) valt in 2021 lager uit. De uitgaven zullen naar verwachting lager zijn dan de inkomsten. Het verschil tussen inkomsten en uitgaven wordt conform het beleid toegevoegd aan de reserve BUIG. -37

Toelichting mutaties programma 11 | Bestuur en organisatie

Financiële begroting

Bedragen * € 1.000
Realisatie 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022 Begr 2023 Begr 2024
Lasten bestaand beleid 3.968 3.076 3.302 3.722 4.329 4.950
Lasten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 70 45 -1.122
Lasten totaal 3.968 3.076 3.302 3.792 4.374 3.828
Baten bestaand beleid 429 385 404 353 339 484
Baten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 0 0 0
Baten totaal 429 385 404 353 339 484
Saldo -3.539 -2.691 -2.898 -3.439 -4.035 -3.344

Toelichting op de mutaties

Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel ; - is een nadeel ; bedragen in € 1.000
Lasten:
· In 2020 zijn er geen verkiezingen. In 2021 zijn er verkiezingen voor de Tweede Kamer. De kosten voor de organisatie en uitvoering zijn in de begroting opgenomen. Daarnaast zijn de kosten opgenomen in verband met de voorbereiding van de gemeenteraadsverkiezingen in 2022 (inzet stemwijzer en cursus politiek actief). -87
· De afdracht van de rijksleges van reisdocumenten stijgen evenredig mee met de hogere raming van de opbrengst van de reisdocumenten. -27
· Incidentele verschillen als gevolg van het niet meer opnemen in 2021 van restantbudgetten en eenmalige uitgaven uit 2020 en mutaties in kapitaallasten en in de toerekening van personele kosten leiden tot een nadeel op dit programma. Voor een analyse van de kapitaallasten, de ontwikkeling van de personeelskosten, loon- en prijsstijgingen wordt verwezen naar bijlage 8. -127
Baten:
· Naar verwachting worden er in 2021 meer reisdocumenten afgegeven dan in 2020. Dit leidt tot een hogere opbrengst. Onder de lasten is de evenredige stijging van de afdracht van de rijksleges opgenomen. 50

Toelichting mutaties Overzicht algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien

Financiële begroting

Bedragen * € 1.000
Realisatie 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022 Begr 2023 Begr 2024
Lasten bestaand beleid 601 738 467 466 606 606
Lasten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 -17 -17 -17
Lasten totaal 601 738 467 449 589 589
Baten bestaand beleid 58.591 59.280 61.219 59.307 59.392 59.009
Baten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 -730 24 24
Baten totaal 58.591 59.280 61.219 58.577 59.416 59.033
Saldo 57.990 58.542 60.752 58.128 58.827 58.444

Toelichting op de mutaties

Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel ; - is een nadeel ; bedragen in € 1.000
Lasten:
· Bij de vorige begroting was bij de algemene uitkering een stelpost opgenomen (€ 124.000) waarmee een deel van de middelen voor het sociaal domein werd afgezonderd om daarmee tegenvallers te kunnen opvangen. Deze stelpost is vervallen. Ook in de nieuwe begroting is sprake van ruimte binnen de middelen voor het sociaal domein. In deze begroting is deze ruimte (€ 597.000) structureel (vanaf 2022) ingezet om het risico van de effecten van de herijking van de algemene uitkering op te vangen. In 2021 valt deze ruimte incidenteel vrij ten gunste van het begrotingssaldo. 124
· In de begroting is voor de rente voor de externe korte termijn financiering uitgegaan van 1,0% en voor de externe financiering op lange termijn van 2%. Gelet op de prognose van de Nederlandsche Bank (juni 2020) en de huidige rentestand is het verantwoord de rentepercentages tijdelijk (2 jaar) te verlagen. Dit resulteert in een (tijdelijk) voordeel in de begroting. 114
· Door een andere verdeelsystematiek van Tribuut zijn de kosten die de gemeente Epe aan Tribuut betaald anders over de programma's verdeeld dan voorheen. Op dit programma leidt dat tot een voordeel. 37
Baten:
· Door tariefstijging en areaaluitbreiding stijgen de OZB-inkomsten. 223
· Het aantal meters kabels en leidingen is na een herijking lager uitgevallen. Dit is reeds gemeld in de jaarrekening 2019. Dit leidt ook tot een lagere raming van de opbrengst in 2021. Daar staat een evengrote verlaging van de toevoeging aan de reserve precariobelasting tegenover, zodat dit op begrotingsbasis budgettair neutraal verloopt. -261
· De grondslag voor de forensenbelasting is autonoom gestegen, waardoor de opbrengst stijgt. 29
· Op basis van het gerealiseerde meerjarig gemiddelde wordt een lagere uitkering van dividend verwacht vanuit de BNG en Vitens. -37
· De raming van de algemene uitkering 2021 is gebaseerd op de meicirculaire 2020. De (bruto) raming laat een stijging zien ten opzichte van de raming in de begroting 2020. De stijging doet zich voor bij het algemene deel en bij het sociaal domein. De stijging is met name het gevolg van een toename van het accres (koppeling met de ontwikkeling van de uitgaven bij het rijk). Daarnaast zijn beperkt extra middelen ontvangen in verband met nieuwe taken. Bij het sociaal domein wordt naast de stijging van het accres meer ontvangen bij de integratie uitkering voogdij/18+. De integratie uitkering participatie (wsw) daalt elk jaar als gevolg van de jaarlijks uitstroom. Vanaf 2022 moet rekening worden gehouden met het negatieve effect van de aangekondigde herijking van de maatstaven voor de berekening van de algemene uitkering (incl. sociaal domein). In deze begroting is hiermee rekening gehouden door een stelpost (lagere inkomsten) op te nemen die oploopt tot bijna € 2,5 mln. in 2024 2.407
· Door een verlaging van de interne rente waarmee gerekend wordt, is de geraamde bespaarde rente over eigen middelen (interne financiering) lager. -412

Toelichting mutaties programma Overhead

Financiële begroting

Bedragen * € 1.000
Realisatie 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022 Begr 2023 Begr 2024
Lasten bestaand beleid 9.630 10.609 9.588 9.691 9.691 9.621
Lasten voortzetting beleid vorige MJB - - 59 59 59 59
Lasten totaal 9.630 10.609 9.647 9.750 9.750 9.680
Baten bestaand beleid 250 686 117 117 117 117
Baten voortzetting beleid vorige MJB - - 0 0 0 0
Baten totaal 250 686 117 117 117 117
Saldo -9.380 -9.923 -9.530 -9.633 -9.633 -9.563

Toelichting op de mutaties

Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel ; - is een nadeel ; bedragen in € 1.000
Lasten:
· Lasten voortzetting beleid vorige MJB: dit betreffen de financiële consequenties van de voortzetting van het (nieuwe) beleid uit de vorige meerjarenbegroting. Een specificatie hiervan is opgenomen in het programma Overhead van deel 1. -59
· De lasten in verband met voormalig personeel zijn in de begroting 2021 lager dan in de begroting 2020. 78
· Noodzakelijke taakuitvoering van twee teams kan niet worden opgevangen binnen de huidige organisatie en maken het noodzakelijk dat hiervoor extra structurele middelen worden opgenomen in de begroting. -75
· De gemeente werkt met het digitale zaaksysteem, wat het hart is van de gemeentelijke informatievoorziening en een bedrijfskritische applicatie is. Om het functioneel beheer op het vereiste niveau te kunnen uitvoeren, is aanvullende structurele capaciteit nodig. De kosten hiervan (€ 70.000) kunnen vooralsnog worden gedekt uit de reserve ict. -70
· Incidentele verschillen als gevolg van het niet meer opnemen in 2021 van restantbudgetten en eenmalige uitgaven uit 2020 en mutaties in kapitaallasten en in de toerekening van personele kosten leiden tot een voordeel op dit programma. Voor een analyse van de kapitaallasten, de ontwikkeling van de personeelskosten, loon- en prijsstijgingen wordt verwezen naar bijlage 8. 1.148
Baten:
· Incidentele verschillen als gevolg van het niet meer opnemen in 2021 van eenmalige inkomsten uit 2020 leiden tot een nadeel op dit programma. -568

Toelichting mutaties in de Reserves

Financiële begroting

Bedragen * € 1.000
Realisatie 2019 Begr 2020 Begr 2021 Begr 2022 Begr 2023 Begr 2024
Lasten bestaand beleid 19.488 9.133 4.417 2.368 2.365 2.365
Lasten voortzetting beleid vorige MJB - - 5.933 1.554 500 500
Lasten totaal 19.488 9.133 10.350 3.922 2.865 2.865
Baten bestaand beleid 16.705 13.329 4.253 3.759 3.404 3.473
Baten voortzetting beleid vorige MJB - - 4.651 1.420 985 712
Baten totaal 16.705 13.329 8.904 5.179 4.389 4.185
Saldo -2.783 4.196 -1.446 1.257 1.524 1.320

Specificatie voortzetting beleid vorige MJB

Bedragen * € 1.000
LASTEN Begrotingsjaar
2021 2022 2023 2024
Budgetten:
1 Uitvoering koersdocument duurzame kindvoorzieningen (pr. 1) 500 500 500 500
2 Toevoeging aan de reserve eenmalige dekkingsmiddelen (beschikbare eenmalige middelen uit diverse reserves) 1.142
3 Toevoeging aan reserve herstel en stimuleringsagenda (vrijval uit reserves) 2.563
4 Toevoeging aan reserve herstel en stimuleringsagenda (positief begrotingssaldo 2021, 2022) 1.728 1.054
 Totale financiële gevolgen voor de lasten 5.933 1.554 500 500
BATEN Begrotingsjaar
2021 2022 2023 2024
Budgetten:
1 Onttrekking aan reserve eenmalige middelen t.b.v.: a. Uitvoering Koersdocument duurzame kindvoorzieningen (pr. 1) b. Bijdrage in exploitatie Van der Reijdenschool in 2021 (pr. 1) c. Omgevingswet, aanvullende tijdelijke capaciteit (pr. 5) d. Vitalisering vakantieparken (pr. 8) e. Teruggave precariobelasting 2020-2022 (pr. 12) f. Overbrugging tijdelijk tekort 2023 (pr. 12) 890 1.254 741 500
2 Onttrekking aan reserve huisvesting onderwijsvoorzieningen t.b.v.: a. Uitbreiding W.G. van de Hulstschool (pr. 1) b. Exploitatiebijdrage Van der Reijdenschool (2022 t/m 2024) (pr. 1) c. Renovatie St. Bernardusschool Epe (pr. 1) 38 78 124 124
3 Onttrekking aan reserve kapitaallasten t.b.v. dekking kapitaallasten diverse investeringen: - vervanging bruggen (pr. 6) - vervanging openbare verlichting (pr. 6) 18 37 69 88
4 Onttrekking aan de reserve hondenbelasting t.b.v. de dekking van het negatieve effect van de afschaffing van de hondenbelasting (2022). - 51 51 -
5 Onttrekkingen aan diverse reserves, betreft vrijval van beschikbare middelen, toegevoegd aan de reserve eenmalige dekkingsmiddelen (inzet voor eenmalige uitgaven). 3.705 - - -
 Totale financiële gevolgen voor de baten 4.651 1.420 985 712

Toelichting op de mutaties

Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel ; - is een nadeel ; bedragen in € 1.000
Lasten:
· Lasten (toevoegingen) voortzetting beleid vorige MJB: dit betreffen de financiële consequenties van de voortzetting van het (nieuwe) beleid uit de vorige meerjarenbegroting. Een specificatie hiervan is in het voorgaande overzicht opgenomen. Het betreft met name de toevoeging van eenmalige middelen aan de reserve eenmalige dekkingsmiddelen, de toevoeging aan de reserve huisvesting onderwijsvoorzieningen en het toevoegen van middelen in de reserve herstel en stimuleringsagenda. -5.932
· In de begroting 2020 werd aan diverse reserves een toevoeging gedaan. Door het incidentele karakter van deze toevoegingen maken deze geen onderdeel meer uit van het bestaande beleid in de begroting 2021 en vormen daardoor een 'voordeel' ten opzichte van de vorige begroting. Grotere incidentele toevoegingen in de begroting 2020 waren: - reserve eenmalige dekkingsmiddelen (€ 3.796.000) - reserve huisvesting onderwijsvoorzieningen (€ 500.000) - algemene reserve (€ 375.000) 4.778
· Op grond van de geactualiseerde berekening m.b.t. de ontwikkelingen en risico's moet de reserve organisatieontwikkeling en langdurige ziekte worden aangevuld. Er is een extra toevoeging nodig van (eenmalig) € 62.000. Jaarlijks wordt de noodzakelijke hoogte van de reserve beoordeeld. -62
Baten:
· Baten (onttrekkingen) voortzetting beleid vorige MJB: dit betreffen de financiële consequenties van de voortzetting van het (nieuwe) beleid uit de vorige meerjarenbegroting. Een specificatie hiervan is in het voorgaande overzicht opgenomen. 4.651
· In de begroting 2020 werden aan diverse reserves bedragen onttrokken. Door het incidentele karakter van deze onttrekkingen maken deze geen onderdeel meer uit van de begroting 2021 en vormen daardoor een 'nadeel' ten opzichte van de vorige begroting. Grotere incidentele onttrekkingen in de begroting 2020 waren: - algemene reserve (€1.380.000) - reserve eenmalige dekkingsmiddelen (€ 3.225.077) - reserve egalisatie bouwleges (€ 563.000) - reserve huisvesting onderwijsvoorzieningen (€ 463.000) - reserve participatie (€ 366.000) - reserve BUIG (€ 707.000) - reserve bouwgrondexploitatie (€ 510.000) - reserve organisatieontwikkelingen (€ 730.000) - reserve restantbudgetten 2019 (€ 3.578.000) Het betreffen over het algemeen onttrekkingen door vrijval van een surplus (dat is ingezet als eenmalige middelen ter dekking van eenmalige uitgaven) of die een relatie hebben met de er aan gerelateerde uitgaven van het beleidsveld. -9.146
· De gemeente werkt met het digitale zaaksysteem, wat het hart is van de gemeentelijke informatievoorziening en een bedrijfskritische applicatie is. Voor uitvoeringsaspecten is functioneel beheer nodig. Om het functioneel beheer op het vereiste niveau te kunnen uitvoeren, is aanvullende structurele capaciteit nodig. Dekking vindt plaats uit de reserve ict (€ 70.000). 70