Jaarrekening

Overzicht van baten en lasten

 

 

(bedragen x € 1.000) Raming 2021 voor wijziging Raming 2021 na wijziging Realisatie 2021
Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo
Programma’s
1. Opgroeien in Epe 592 13.396 -12.803 592 13.546 -12.953 973 14.391 -13.418
2. Actief in Epe 516 4.059 -3.543 516 4.604 -4.088 656 4.536 -3.880
3. Zorg en opvang 307 11.839 -11.533 307 12.239 -11.933 1.507 11.290 -9.783
4. Leefbaar en veilig 2 2.399 -2.397 2 2.462 -2.460 37 2.486 -2.449
5. Ruimte en wonen 2.695 4.171 -1.476 2.718 4.662 -1.944 4.172 4.085 87
6. Epe op orde 1.240 7.278 -6.038 1.218 7.162 -5.944 1.433 5.713 -4.280
7. Duurzaamheid 7.357 7.181 176 7.630 7.441 189 7.741 7.534 207
8. Toezicht en handhaving 110 644 -534 110 654 -544 221 929 -708
9. Bedrijvigheid 8 678 -670 8 1.126 -1.118 -15 928 -943
10. Weer aan het werk 6.793 14.853 -8.060 6.793 15.092 -8.299 8.206 15.823 -7.617
11. Bestuur en organisatie 404 3.302 -2.898 404 3.273 -2.868 438 3.374 -2.935
Saldo v.d. programma’s 20.023 69.799 -49.776 20.298 72.262 -51.964 25.369 71.089 -45.720
Algemene dekkingsmiddelen:
- Lokale heffingen 8.593 460 8.133 8.585 467 8.117 8.603 491 8.112
- Algemene uitkering 51.282 11 51.271 51.484 11 51.473 54.322 - 54.322
- Dividend 135 4 131 135 4 131 120 4 116
- Financieringsfunctie 1.209 -235 1.444 1.209 -235 1.444 1.399 90 1.309
- Overige - 128 -128 - 128 -128 20 -20
Subtotaal algemene dekkingsmiddelen 61.219 367 60.852 61.412 374 61.038 64.444 604 63.840
Overhead 117 9.647 -9.530 124 10.590 -10.466 523 11.207 -10.684
Heffing Vennootschapsbel. - - - - - - - - -
Onvoorziene uitgaven - 101 -101 - 91 -91 - - -
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten 81.359 79.914 1.445 81.834 83.317 -1.483 90.336 82.901 7.436
Mutaties in reserves
1. Opgroeien in Epe 46 532 -486 46 532 -486 57 4.984 -4.927
2. Actief in Epe - 3 -3 - 3 -3 - 66 -66
3. Zorg en opvang 2.361 125 2.236 3.154 125 3.029 2.846 1.599 1.248
4. Leefbaar en veilig - - - - - - - -
5. Ruimte en wonen 280 155 124 289 1.255 -966 248 2.010 -1.762
6. Epe op orde 254 408 -155 667 408 258 542 1.603 -1.061
7. Duurzaamheid 3 3 -0 3 49 -46 33 206 -173
8. Toezicht en handhaving - - - - - - - - -
9. Bedrijvigheid - - - - - - - - -
10. Weer aan het werk 26 72 -46 26 72 -46 105 1.088 -983
11. Bestuur en organisatie 4.757 6.077 -1.320 10.656 9.478 1.178 9.851 10.283 -432
Algemene dekkingsmidd. 440 2.350 -1.910 440 2.350 -1.910 2.856 321 2.536
Overhead 738 623 115 1.098 623 476 1.150 938 212
Totaal mutaties in reserves 8.904 10.349 -1.445 16.379 14.896 1.483 17.688 23.097 -5.409
Gerealiseerd resultaat 90.263 90.263 0 98.213 98.213 0 108.025 105.998 2.027

Toelichting op de baten en lasten

Begrotingsrechtmatigheid

Bij de rechtmatigheidscontrole vormt het begrotingscriterium een belangrijk toetsingscriterium. Uitgangspunt is dat begrotingsoverschrijdingen onrechtmatig zijn. Er zijn echter situaties waarbij overschrijdingen binnen het door de raad uitgezette beleid vallen en binnen het doel blijven waarvoor het budget beschikbaar is gesteld. Hierbij kan gedacht worden aan overschrijdingen die geheel of grotendeels worden gecompenseerd door direct daaraan gerelateerde opbrengsten (bijvoorbeeld via subsidies en kostendekkende omzet) en overschrijdingen bij open einde (subsidie)regelingen. In deze gevallen hebben de overschrijdingen geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid. Zie hiervoor de Kadernota Rechtmatigheid van de Commissie BBV.

 

In onderstaand overzicht zijn de programma's opgenomen waarbij sprake is van een overschrijding van de lasten, met daarbij een verklaring in hoeverre de afwijking past binnen het door de raad geformuleerde beleid en de conclusie ten aanzien van het oordeel over de rechtmatigheid. Voor een nadere uitwerking van de verschillen wordt verwezen naar de financiële analyse van de programma’s. De raad autoriseert deze kostenoverschrijdingen met het vaststellen van de jaarrekening.

Programma Begrotingsafwijking lasten Verklaring voor verschil Conclusie
Begroot Werkelijk Verschil
1. Opgroeien in Epe 13.546 14.391 -845 De hogere lasten zijn in hoofdzaak veroorzaakt door hogere uitgaven voor jeugdzorg (zorg in natura en de landelijke/ bovenregionale ingekochte zorg. Door de coronasituatie blijkt dat zorgtrajecten langer en intensiever waren. Eveneens als gevolg van corona zijn hogere uitgaven gedaan o.a. in het kader van het Nationaal Onderwijs Programma. Tegenover de hogere uitgaven staan voor een belangrijk deel compenserende inkomsten van het rijk. Extra uitgaven passen binnen het beleid of worden gecompenseerd door daaraan gerelateerde inkomsten; geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
4. Leefbaar en veilig 2.462 2.486 -24 De hogere lasten zijn veroorzaakt door hogere uitgaven in het kader van de regeling van het rijk ter compensatie van uitgaven voor de controle van het coronatoegangsbewijs en voor onderhoud en beheer van de brandweerkazernes. Extra uitgaven passen binnen het beleid of worden gecompenseerd door daaraan gerelateerde inkomsten; geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
7. Duurzaamheid 7.441 7.534 -93 De hogere lasten zijn in hoofdzaak veroorzaakt door uitstel van investeringen in riolering (lagere kapitaallasten die leiden tot een hogere toevoeging aan de voorziening riolering). Daarnaast zijn de kosten voor beheer en onderhoud van de riolering hoger dan begroot (met name tariefstijging). Extra uitgaven passen binnen het beleid; geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
8. Toezicht en handhaving 654 929 -275 De hogere lasten zijn in hoofdzaak veroorzaakt door hogere uitgaven voor inhuur voor toezicht en handhaving. Deze extra uitgaven worden voor een deel gedekt door de van het rijk ontvangen uitkering in het kader van de coronacrisis. Het andere deel van de kosten wordt gedekt uit de daarvoor ingestelde reserve. Daarnaast is er een hogere toerekening van interne loonkosten aan dit programma, die wordt gecompenseerd door voordelen op andere programma’s. Een totaalanalyse van de loonkosten is opgenomen in bijlage 1. Extra uitgaven passen binnen het beleid of worden gecompenseerd door daaraan gerelateerde inkomsten of dekking uit de reserve; geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
10. Weer aan het werk 15.092 15.823 -731 De hogere lasten zijn in hoofdzaak veroorzaakt door de uitvoering van de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo). Hierdoor werden zelfstandigen geholpen om tijdelijk in hun levensonderhoud te voorzien en was het mogelijk om een lening te krijgen voor bedrijfskapitaal. Voor de uitvoering werd een specifieke uitkering van het rijk ontvangen. Extra uitgaven worden gecompenseerd door daaraan gerelateerde inkomsten van het rijk; geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
11. Bestuur en organisatie 3.273 3.374 -101 De hogere lasten zijn in hoofdzaak veroorzaakt doordat als gevolg van de coronasituatie meer kosten gemaakt zijn voor de verkiezingen. Het rijk heeft via de algemene uitkering een extra bedrag hiervoor beschikbaar gesteld. Daarnaast is er sprake van een hogere toerekening van interne loonkosten aan dit programma, die wordt gecompenseerd door voordelen op andere programma’s. Een totaalanalyse van de loonkosten is opgenomen in bijlage 1. Extra uitgaven passen binnen het beleid of worden gecompenseerd door daaraan gerelateerde inkomsten; geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
Algemene dekkingsmiddelen 465 604 -139 De hogere lasten zijn veroorzaakt door het resultaat op de rentelasten; per saldo zijn minder rentelasten dan begroot toegerekend aan de programma’s. Op de programma’s ontstaat hierdoor een voordeel. De interne rentelasten worden als bespaarde rente toegevoegd aan het totaal van de reserves en voorzieningen; verwezen wordt naar de toelichitng op het programma en naar bijlage 2 (totaalanalyse rente en afschrijving). Extra uitgaven passen binnen het beleid; geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
Overhead 10.590 11.207 -617 De hogere lasten zijn voornamelijk veroorzaakt door hogere juridische advieskosten en een hogere toerekening van interne loonkosten aan dit programma. Daar staat een lagere doorberekening van kapitaallasten tegenover. Een totaalanalyse van de loonkosten en de kapitaallasten is opgenomen in bijlage 1 en 2. Extra uitgaven passen binnen het beleid; geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
Resultaat bestemming 14.896 23.097 -8.201 De hogere ‘lasten’ zijn veroorzaakt doordat het saldo van de toevoegingen aan reserves resulteert in meer toevoegingen aan reserves dan begroot. De grootste afwijkingen betreffen de toevoegingen aan de reserve huisvesting onderwijsvoorzieningen, de reserve onderhoud wegen en het resultaat op de uitvoering van het sociaal domein, de uitvoering van de BUIG en de opbrengst bouwleges (Wabo). Een uitgebreide toelichting/specificatie is opgenomen in de analyse van de resultaatbestemming. Betreft uitvoering van bestaand beleid en werkwijze; in lijn met begroting dan wel besluitvorming van de raad; geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
Investeringen Hogere uitgaven dan begroot Op twee in 2021 afgesloten investeringskredieten is een overschrijding (groter dan € 25.000) op de uitgaven ontstaan. Een toelichting hierop is opgenomen in bijlage 2 van deze jaarstukken. Extra uitgaven 2021 passen binnen het beleid; geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.

Financiële analyses per programma

1 | Opgroeien in Epe

Bedragen x € 1.000
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging Werkelijk 2021 Verschil 2021
Lasten 13.402 13.546 14.391 -845
Baten 594 592 973 381
Saldo -12.808 -12.954 -13.418 -464
Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000
Lasten: .
· De begroting van de zorg in natura (ZIN) en de landelijke/ bovenregionale ingekochte zorg is gerelateerd aan de werkelijke uitgaven in 2019. De bestedingen zijn gebaseerd op de gedeclareerde zorg en een inschatting op basis van productieverantwoordingen van zorgaanbieders van de door hen in 2021 geleverde zorg. Door Corona wordt gezien dat zorgtrajecten langer en intensiever worden wat resulteert in hogere lasten. -847
Het hierboven genoemde onderdeel wordt verrekend met de reserve risico's sociaal domein en heeft geen invloed op het resultaat. Voor het totaalbeeld van de gedecentraliseerde taken Wmo en jeugdzorg wordt verwezen naar de paragraaf sociaal domein.
Overige voor- en nadelen:
· Als gevolg van corona zijn er geen activiteiten gestart vanuit het expertisecentrum; het onderwijs en andere partijen hadden prioriteit bij de gevolgen van covid-19. Dit levert een voordeel op (€ 89.000). Vanuit het Rijk zijn voor de schooljaren 2021-2022 en 2022-2023 extra middelen ontvangen voor het Nationaal Onderwijs Programma (zie toelichting baten). In 2021 zijn in het kader hiervan extra uitgaven geweest van €213.000. -166
· In 2021 zijn er hogere uitgaven geweest op het onderwijsachterstandenbeleid dan begroot. Dit zorgt voor een nadeel van € 90.000. Dit verschil wordt opgevangen door een onttrekking aan de VOB onderwijsachterstandenbeleid. Per saldo geen effect heeft op de jaarrekening. -90
· De GGD heeft in 2021 minder inspecties bij kinderopvanglocaties uitgevoerd als gevolg van corona. Hierdoor ontstaat een eenmalig voordeel van € 32.000. 32
· Vanuit het Rijk zijn er extra middelen gekomen voor voorschoolse educatie peuters beschikbaar gesteld via de algemene uitkering. Deze middelen zijn niet besteed 54
· De verzekeringen zijn in 2021 opnieuw aanbesteed, wat leidt tot hogere lasten op de verzekeringen van schoolgebouwen. Dit heeft een nadelig effect op de jaarrekening. -29
· In 2021 is het hekwerk van speeltuin de Kouwnaar vervangen (€19.000), hiervan is reeds melding gedaan in de voortgangsrapportage. Daarnaast zijn de onderhouds en beheerkosten van de speeltuinen hoger uitgevallen in 2021 (€14.000). Per saldo ontstaat er een nadeel op het gebied van speelvoorzieningen. -33
· Voor het opstellen van het Intergraal Huisvestingsplan zijn er extra kosten geweest (€20.000). Deze extra uitgaven worden gedekt uit de reserve huisvesting onderwijsvoorzieningen. Daarnaast ontstaat er een nadeel door een verhoogde storting in de voorzieing groot onderhoud buitenzijde gymlokalen, deze storting was niet voorzien in de begroting (€7.000). -27
· Voordeel kapitaallasten: in bijlage 2 is een totaalanalyse van de kapitaallasten opgenomen. 571
· Door de coronacrisis zijn op dit programma uitgaven verantwoord die niet waren begroot. Deze extra uitgaven worden gedekt door de van het rijk ontvangen compensatie-uitkering verantwoord op programma algemene dekkingsmiddelen). In de paragraaf corona is een analyse en toelichting opgenomen op het geheel van de uitgaven en inkomsten in 2021 als gevolg van de coronacrisis. -258
Baten:
· Door de corona pandemie is het belang van goede ventilatie op scholen duidelijk geworden. Daarom heeft het Rijk middelen beschikbaar gesteld om goede ventilatie betaalbaar te maken. Hier tegenover staan uitgaven voor ventilatie bij scholen, waardoor de extra inkomst geen effect heeft op de jaarrekening. 64
· In 2021 zijn er hogere uitgaven geweest op het onderwijsachterstandenbeleid dan begroot. Dit verschil wordt opgevangen door een onttrekking aan de VOB onderwijsachterstandenbeleid. Dit levert aan de batenkant een voordeel op. Per saldo geen effect heeft op de jaarrekening. 90
· In 2021 heeft het Rijk aangekondigd voor de schooljaren 2021-2022 en 2022-2023 extra middelen beschikbaar te stellen voor gemeenten in het kader van opgelopen achterstanden bij scholieren vanwege corona. Het uitvoeringsprogramma hiervan heet het Nationaal Onderwijs Programma. In 2021 heeft de gemeente €213.000 aan inkomsten ontvangen. Tegenover deze inkomsten staan ook uitgaven (zie lasten). Per saldo heeft dit geen effect op de jaarrekening 213

2 | Actief in Epe

Bedragen x € 1.000
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging Werkelijk 2021 Verschil 2021
Lasten 4.059 4.604 4.536 68
Baten 516 516 656 140
Saldo -3.543 -4.088 -3.880 208
Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000
Lasten: .
· De stimuleringsregeling jeugd liep tot eind 2021. Het begrote budget is niet volledig uitgeput, waardoor het restant kan vrijvallen. Dit levert een voordeel op in de jaarrekening. 356
· Het college heeft in 2019 besloten om bij te dragen aan de investering voor de renovaties van kunstgrasvelden om zo de accommodatie toekomstbestendig te maken. Deze kosten zijn niet gemaakt in 2020. De niet gebruikte subsidie is in 2021 teruggevorderd wat zorgt voor een voordeel van € 63.000. Dit voordeel wordt gestort in de reserve renovatie kunst- en natuurgrasvelden 2021. 63
· In 2021 zijn er minder kosten voor regulier onderhoud en voor beheer gemaakt aan de wijkgebouwen dan begroot. Hierdoor ontstaat er een voordeel van € 42.000. 42
· Op sportbeleid zijn er diverse ontwikkelingen geweest in 2021. In 2021 ontstaat een voordeel op het budget van onder andere buurtsportcoaches (€ 10.000) en btw-corectie over de jaren 2016 en 2017 (€ 9.000). Daarnaast hebben er extra uitgaven plaatsgevonden in het kader van het lokaal sportakkoord (€ 85.000). Hier staan extra inkomsten van het Rijk tegenover (zie onder baten). Per saldo leveren al deze ontwikkelingen een nadeel op van € 25.000 in de jaarrekening. -25
· De directe personele kosten van de afdelingen Ruimte en Samenleving toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is er een nadeel ontstaan. Het grootste onderdeel hiervan zijn de salariskosten. Een totaalanalyse van de salariskosten is opgenomen in bijlage 1. -61
· Door de coronacrisis zijn op dit programma uitgaven verantwoord die niet waren begroot. Het betreft op dit programma uitgaven voor aanvullende subsidies. Deze extra uitgaven worden gedekt door de van het rijk ontvangen compensatie-uitkering (verantwoord op programma algemene dekkingsmiddelen). In de paragraaf corona is een analyse en toelichting opgenomen op het geheel van de uitgaven en inkomsten in 2021 als gevolg van de coronacrisis. -393
Baten:
· In 2020 is door gemeente Epe een verstrekte subsidie lager vastgesteld dan beschikt. Het bezwaar dat hierop is aangetekend, is gegrond verklaard. Het college heeft de subsidie in 2021 opnieuw vastgesteld. Het terug te vorderen deel van de subsidie is komen te vervallen. Dit zorgt voor een nadeel in de jaarrekening. -116
· Door de coronamaatregelen zijn er minder huurinkomsten voor binnensportlocaties ontvangen, waaronder huurinkomsten van Sport- en Dorpscentrum Vaassen. -129
· Er is een specifieke uitkering ontvangen voor het lokaal sport akkoord. Deze inkomst is niet begroot. Hierdoor ontstaat een voordeel op de baten. Hier staan de uitgaven van het lokaal sport akkoord tegenover. Per saldo heeft dit geen effect op het saldo van de jaarrekening. 85
· Door de coronacrisis zijn op dit programma inkomsten verantwoord die niet waren begroot. In de paragraaf corona is een analyse en toelichting opgenomen op het geheel van de uitgaven en inkomsten in 2021 als gevolg van de coronacrisis. 281

3 | Zorg en Opvang

Bedragen x € 1.000
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging Werkelijk 2021 Verschil 2021
Lasten 11.851 12.239 11.290 949
Baten 307 307 1.507 1.200
Saldo -11.544 -11.932 -9.783 2.149
Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000
Lasten: .
· In 2021 zijn vanwege corona, beperkende maatregelen ingesteld voor het organiseren van groepsbijeenkomsten zoals dagbesteding (groepsbegeleiding). Hierdoor is de instroom naar deze voorziening beperkt geweest. Daarnaast is de Wmo dagbesteding getransformeerd naar een voorliggende voorziening, de Buurtpunten. Hierdoor worden er minder maatwerkvoorzieningen verstrekt. 279
· Voor het opstellen van de begroting 2021 is bij individuele begeleiding de werkelijke uitgaven uit 2019 als basis genomen. De lasten lijken te stabiliseren wat zorgt voor een voordeel van € 98.000 98
· In 2021 is het budget voor praktische gezinsondersteuning fors verhoogd, met de verwachting om hiermee meer kinderen voorliggend te kunnen helpen. De verwachting is niet uitgekomen wat zorgt voor een voordeel van € 39.000. 39
· In 2021 is er ten opzichte van de begroting minder uitgegeven aan begeleiding Wmo via persoons gebonden budgetten. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) factureert maandelijks een voorschot aan de gemeente voor de verwachte uitgaven. De uitgaven van budgethouders lagen in 2021 lager dan in de begroting is opgenomen. 37
· Kortdurend verblijf, logeeropvang of respijtopvang zijn producten die de gemeente Epe heeft ingekocht met als doel om bijvoorbeeld mantelzorgers even tijdelijk te ontlasten. In de praktijk maken weinig inwoners hier gebruik van. Dit komt onder andere doordat het voor aanbieders soms lastig is om een logeerplek aan te bieden. In regionaal verband wordt er een inventarisatie uitgevoerd of deze producten wel aansluiten bij de behoefte en wens van bijvoorbeeld mantelzorgers. Dit kan ertoe leiden dat het product anders ingekocht moet worden. 43
· Als centrumgemeente ontvangt Apeldoorn middelen voor de financiering van activiteiten gericht op de aanpak van huiselijk geweld, de zogenoemde DUVO middelen. 2021 is afgesloten met een overschot op de begroting. Tijdens het regionaal bestuurlijk overleg van 20 januari 2022 is besloten om het restant budget over te hevelen naar de regiogemeenten naar rato van het aantal inwoners en dit bedrag zoveel mogelijk te besteden binnen het sociaal domein. 88
· In 2019 is het financieel convenant voor Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen (MO/BW) voor de regio Oost-Veluwe vastgesteld door de gemeenteraad. Het begrote voorschot voor de uitvoering van de MO/BW is niet ingezet wat zorgt voor een voordeel van € 134.000 op de lasten. Naast dit voordeel op de lasten wordt door gemeente Epe ook een bedrag ontvangen vanuit regio Oost-Veluwe wat zorgt voor een extra voordeel (zie baten). 134
Alle hierboven genoemde onderdelen worden verrekend met de reserve risico's sociaal domein en hebben daardoor geen invloed op het resultaat van de jaarrekening. Voor het totaalbeeld van de gedecentraliseerde taken Wmo en jeugdzorg wordt verwezen naar de paragraaf sociaal domein.
Overige voor- en nadelen:
· Vanaf 1 januari 2020 worden alle mobiliteitshulpmiddelen voor Wlz-cliënten (wet langdurige zorg) die in een Wlz-instelling wonen vanuit de Wlz worden gefinancierd. Het onderscheid tussen verblijf met – of verblijf zonder behandeling is dan dus niet meer relevant. Hierdoor worden er minder mobiliteitshulpmiddelen vanuit de Wmo verstrekt. Daarnaast worden er geen algemeen gebruikelijke hulpmiddelen meer verstrekt zoals fietsen met trapondersteuning. Dit zorgt voor een voordeel van € 102.000. 102
· In 2021 is er minder gebruik gemaakt van vraagafhankelijk vervoer als gevolg van corona. Dit levert een voordeel op van € 246.000 246
· In 2021 zijn er extra uitgaven geweest (€28.000) in het kader van het lokaal preventieakkoord. Deze uitgaven waren niet begroot, omdat de uitgaven gecompenseerd worden door een specifieke uitkering van het rijk (zie onder baten). Per saldo heeft dit geen effect op de jaarrekening. -28
· De directe personele kosten van de afdelingen Ruimte en Samenleving toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is er een nadeel ontstaan. Het grootste onderdeel hiervan zijn de salariskosten. Een totaalanalyse van de salariskosten is opgenomen in bijlage 1. -77
· Voordeel kapitaallasten: in bijlage 2 is een totaalanalyse van de kapitaallasten opgenomen. 0
· Door de coronacrisis zijn op dit programma uitgaven verantwoord die niet waren begroot. Deze extra uitgaven worden gedekt door de van het rijk ontvangen compensatie-uitkering verantwoord op programma algemene dekkingsmiddelen). In de paragraaf corona is een analyse en toelichting opgenomen op het geheel van de uitgaven en inkomsten in 2021 als gevolg van de coronacrisis. -135
Baten:
· In 2019 is het financieel convenant voor Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen (MO/BW) voor de regio Oost-Veluwe vastgesteld door de gemeenteraad. In dit convenant zijn afspraken gemaakt over de financiële overschotten en tekorten voor MO/BW tot 2023. Het overschot wordt naar rato van cliëntenaantal verdeeld over 6 gemeenten. Ook over 2021 heeft de gemeente Epe een bedrag uit het overschot ontvangen. Dit wordt gestort in de reserve risico's sociaal domein. 1.028
· In 2021 heeft een verrekening plaatsgevonden voor het WMO-abonnementstarief over de jaren 2020 en 2021 vanuit het minimabeleid. In 2020 heeft deze verrekening niet plaatsgevonden waardoor er een voordeel is ontstaan binnen het minimabeleid. Deze verrekening zorgt in 2021 voor een eenmalig voordeel van € 108.000. De uitgaven zijn te vinden op programma 10 . Het voordeel wordt gestort in de reserve risico's sociaal domein. 108
Eigen bijdrage WMO: Een aanvrager van een voorziening, hulp in de huishouding, zorg in natura of een financiële tegemoetkoming (persoonsgebonden budget) is op grond van de WMO een eigen bijdrage verschuldigd. De wetgever heeft bepaald dat de berekening, oplegging en incasso van deze eigen bijdrage wordt uitgevoerd door het CAK. De informatie van het CAK (om privacy redenen beperkt) is ontoereikend om als gemeente de juistheid op persoonsniveau en volledigheid van de eigen bijdragen als geheel te kunnen vaststellen. Door de systematiek te kiezen van het vaststellen van de eigen bijdragen door het CAK, heeft de wetgever in feite bepaald, dat de verantwoordelijkheid voor de juistheid en volledigheid van de eigen bijdragen op grond van de WMO geen gemeentelijke verantwoordelijkheid is. Dit betekent dat door de gemeenten geen zekerheden omtrent omvang en hoogte van de eigen bijdragen kunnen worden verkregen.
· Bij het opstellen van de begroting 2021 is er van uitgegaan dat de eigen bijdragen voor vervoer door de GR Basismobiliteit (PlusOV) verrekend zouden worden met de vervoerslasten. Omdat de eigen bijdragen echter als opbrengsten moeten worden gepresenteerd, ontstaat een voordeel in de baten. 36
· In 2021 heeft het rijk extra middelen beschikbaar gesteld voor het Lokaal preventieakkoord. Hiermee krijgen gemeenten de kans om extra in te zetten voor gezondheidspreventie. Deze inkomsten zijn niet begroot, waardoor er een voordeel ontstaat. Hier tegenover staan extra uitgaven die niet begroot zijn. Per saldo heeft het geen effect op het saldo van de jaarrekening. 28

4 | Leefbaar en Veilig

Bedragen x € 1.000
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging Werkelijk 2021 Verschil 2021
Lasten 2.387 2.462 2.486 -24
Baten 2 2 37 35
Saldo -2.385 -2.460 -2.449 11
Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000
Lasten: .
· De middelen voor Gebiedsgericht werken zijn incidenteel beschikbaar gesteld bij begroting 2017 voor de jaren 2017-2020. De periode is doorgetrokken tot 2021. In 2021 is er een evaluatie opgesteld over het Gebiedsgericht werken. Op basis van de eerste evaluatie, welke in 2021 is uitgevoerd, kan een bedrag van € 88.000 vrijvallen wat niet meer nodig is voor de afronding van de evaluatie. 88
· Diverse oorzaken hebben geleid tot een overschrijding op het onderhoud en beheer van de brandweerkazernes, uitgevoerd door de veiligheidsregio (VNOG). De overschrijding is hoger dan in voorgaande jaren; een aanpassing van het structurele budget in de begroting zal vermoedelijk nodig zijn. -74
· In het kader van de regeling van het rijk ter compensatie van uitgaven voor de controle van het coronatoegangsbewijs zijn bijdragen ter ondersteuning aan organisaties en ondernemers verstrekt. Hier staan inkomsten van het rijk tegenover (zie onder de baten). -37
Baten:
· In 2021 is (via de veiligheidsregio) een bijdrage van het rijk ontvangen voor de kosten die zijn gemaakt voor bijdragen/ondersteuning in verband met de controle op het coronatoegangsbewijs. Hier staan uitgaven tegenover (uitvoering van de regeling, zie onder de lasten). 37

5 | Ruimte en Wonen

Bedragen x € 1.000
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging Werkelijk 2021 Verschil 2021
Lasten 4.203 4.662 4.085 577
Baten 2.708 2.718 4.172 1.454
Saldo -1.495 -1.944 87 2.031
Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000
Lasten: .
· Voor lagere lasten bouwgrondexploitatie wordt verwezen naar de paragraaf grondbeleid. Dit wordt verrekend met de reserve bouwgrondexploitatie waardoor dit geen effect heeft op het saldo van de jaarrekening. 726
· Als gevolg van de coronapandemie zijn extra, niet begrote kosten gemaakt voor de inhuur van personeel. Deze zijn gedekt vanuit de daarvoor ingestelde reserve, waardoor dit geen effect heeft op het saldo van de jaarrekening. -224
· Er worden nog kosten gemaakt voor de sanering van een perceel in het plan Oosterhof-Zuid. Hiervoor is een voorziening gevormd. Hier tegenover staat een opbrengst door de verkoop van het perceel. -38
· Er zijn meer vergunningaanvragen bouwen ingediend dan begroot, waardoor de lasten voor welstandsadviezen hoger uitvallen. -47
· Voordeel kapitaallasten: in bijlage 2 is een totaalanalyse van de kapitaallasten opgenomen. 102
Baten:
· Er is een pand en een perceel grond in Oosterhof-Zuid verkocht waarmee geen rekening was gehouden in de begroting. Daar worden nog kosten voor gemaakt die aan de lastenzijde staan. Een deel wordt gereserveerd voor structureel hogere lasten van de nieuwe bibliotheek. 660
· In een koopovereenkomst met betrekking tot de realisatie van een appartementencomplex is afgesproken dat bij verkoopprijzen boven een bepaald bedrag, de gemeente meedeelt in de extra opbrengst. Vanwege de sterk gestegen huizenprijzen heeft dit een voordeel opgeleverd. 700
· Voor de lagere baten bouwgrondexploitatie wordt verwezen naar de paragraaf grondbeleid. De winsten zijn conform het beleid toegevoegd aan de reserve bouwgrondexploitatie en hebben daardoor geen effect op het saldo van de jaarrekening. -526
· Als gevolg van de ontwikkelingen op de woningmarkt zijn in 2021 enkele grote plannen in ontwikkeling gekomen, zoals Oosterhof-Zuid. Hiervoor zijn in 2021 overeenkomsten gesloten en de bijdragen van de ontwikkelaar aan ons betaald. Dergelijke grote plannen komen niet jaarlijks voor en waren daarom niet vooraf begroot. 77
· In de begroting was de verkoop van snippergroen ten onrechte opgenomen onder de bouwgrondexploitatie. Dit leidt in de jaarrekening tot een voordeel. 56
· Er zijn meer en meer grote vergunningaanvragen bouwen ingediend dan begroot. Dit heeft (vrijwel)geen invloed op het saldo van de jaarrekening, omdat het overschot in de reserve bouwleges wordt gestort. 540

6 | Epe op orde

Bedragen x € 1.000
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging Werkelijk 2021 Verschil 2021
Lasten 7.242 7.162 5.713 1.449
Baten 1.218 1.218 1.433 215
Saldo -6.024 -5.944 -4.280 1.664
Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000
Lasten: .
· De kosten van het groot onderhoud van wegen worden in de begroting opgenomen voor een gemiddeld bedrag van de kosten over twintig jaar. Het werkelijke onderhoud wordt uitgevoerd op basis van inspectie van de wegen en het bijdragen in projecten. Hierdoor zijn in sommige jaren de werkelijke kosten van het groot onderhoud lager dan het gemiddelde, in andere jaren hoger dan het gemiddelde. De afwijkingen van het gemiddelde bedrag wordt verrekend met de reserve groot onderhoud wegen. Hierdoor ontstaat een gelijk blijvende last voor het onderhoud door de jaren heen. In 2021 is vertraging ontstaan in de projecten Hoge Weerd 3e fase en Herinrichting Krugerstraat -Tuindorpweg-van Riebeeckstraat. Hierdoor zijn er in 2021 minder kosten gemaakt. 1.377
· In 2021 zijn investeringen op begraafplaatsen uitgesteld. Daarnaast zijn de opbrengsten uit begraafrechten hoger uitgekomen dan begroot (zie baten). Dit leidt tot een toevoeging aan de voorziening begraven en een nadeel aan de lastenkant in dit programma. -168
· Het beheer en onderhoud van de Openbare Ruimte is via een langjarig contract uitbesteed aan een marktpartij. De prijs van dit contract wordt jaarlijks geïndexeerd. De werkelijke indexatie kwam in 2021 lager uit dan bij de begroting aangenomen. Hierdoor ontstaat er een voordeel op dit programma. 90
· De directe personele kosten van de afdelingen Ruimte en Samenleving toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is er een nadeel ontstaan. Het grootste onderdeel hiervan zijn de salariskosten. Een totaalanalyse van de salariskosten is opgenomen in bijlage 1. -21
· Voordeel kapitaallasten: in bijlage 2 is een totaalanalyse van de kapitaallasten opgenomen. 233
Baten:
· Het onderhoud van de openbare verlichting is door de komst van LED erg veranderd doordat de levensduur van LED armaturen en conventionele lampen langere is. In 2021 is een omslagpunt bereikt waarbij er geen conventionele lampen meer vervangen worden maar direct vervangen worden door LED armaturen. Hierdoor is er geen grondslag meer voor de financiële voorziening groot onderhoud openbare verlichting. Het restant van de voorziening wordt toegevoegd aan de reserve vervanging openbare verlichting om de laatste conventionele lampen te vervangen voor LED-armaturen. Hierdoor heeft dit geen invloed op het saldo van de jaarrekening. 53
· In 2021 zijn de werkelijke opbrengsten uit begraafrechten en de ontvangen afkoopsommen voor het onderhoud van graven hoger uitgekomen dan het gemiddelde waarop de begroting gebaseerd was. Dit komt omdat in 2021 nabestaanden reeds grafrechten hebben verlengd terwijl in de begroting ervan was uitgegaan dat dit in 2022 pas zou plaatsvinden. Daarnaast hebben in 2021 nabestaanden er vaker dan gemiddeld voor gekozen het grafrecht/onderhoud voor 50 jaar af te kopen. Als gevolg hiervan heeft er een storting plaatsgevonden in de voorziening begraven (zie lasten). Het voordeel aan de batenkant in dit programma heeft dan ook geen effect op het saldo van de jaarrekening. 172

7 | Duurzaamheid

Bedragen x € 1.000
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging Werkelijk 2021 Verschil 2021
Lasten 7.181 7.441 7.534 -93
Baten 7.357 7.630 7.741 111
Saldo 176 189 207 18
Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000
Lasten: .
· In 2021 zijn investeringen in riolering uitgesteld. Dit leidt tot een toevoeging aan de voorziening riolering en heeft daarmee een nadeel aan de lastenkant in dit programma. -140
· De kosten voor het beheer en onderhoud van de riolering zijn in 2021 hoger uitgekomen dan begroot. Dit komt omdat de tarieven voor het onderhoud meer dan verdubbeld zijn en ook de overige kosten binnen het contract flink gestegen zijn. Daar staat in 2021 tegenover dat er minder is uitgegeven aan reiniging en inspectie van riolering. Het nadeel dat per saldo ontstaat wordt verrekenend met de reserve riolering en heeft daarmee geen invloed op het saldo van de jaarrekening. -63
· Er zijn meer aanvragen energieadviezen ingediend dan begroot. De kosten daarvan vallen daarom hoger uit. Dit wordt deels gedekt door een niet begrote subsidie en deels vanuit de nog beschikbare middelen in de reserve duurzaamheid. -34
· De werkzaamheden van OVIJ voor duurzaamheid zijn toegenomen vanwege de gestegen vraag. Dit is deels gedekt uit een niet begrote subsidie. -31
· De directe personele kosten van de afdelingen Ruimte en Samenleving zijn toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is er een voordeel ontstaan. Het grootste onderdeel hiervan zijn de salariskosten. Een totaalanalyse van de salariskosten is opgenomen in bijlage 1. 24
· Voordeel kapitaallasten: in bijlage 2 is een totaalanalyse van de kapitaallasten opgenomen. 161
Baten:
· In de begroting wordt rekening gehouden met leges inkomsten van een gemiddeld aantal particuliere percelen dat op het rioolstelsel van de gemeente wordt aangesloten. Het werkelijke aantal is vooraf lastig te bepalen en wijkt daar over het algemeen van af. In 2021 zijn er minder aansluitingen gerealiseerd dan in de begroting opgenomen. Het nadeel dat ontstaat wordt verrekend met de reserve riolering en heeft daarmee geen invloed op het saldo van de jaarrekening. -25
· In 2021 heeft de invoering van diftar plaatsgevonden en is de vergoeding voor de inzameling van PMD veranderd. Zowel de inschatting van de opbrengsten uit diftar als van PMD waren lager dan de werkelijke opbrengsten. Voor PMD speelde bij een lagere begroting mee dat op basis van de mate van afkeuring van PMD door de sorteerder in 2020 de opbrengst 2021 lager is ingeschat. Voor een toelichting op diftar is opgenomen in paragraaf 1 Lokale heffingen. Het voordeel dat ontstaat wordt verrekend met de reserve grondstoffeninzameling en heeft daarmee geen invloed op het saldo van de jaarrekening. 156

8 | Toezicht en Handhaving

Bedragen x € 1.000
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging Werkelijk 2021 Verschil 2021
Lasten 644 654 929 -275
Baten 110 110 221 111
Saldo -534 -544 -708 -164
Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000
Lasten: .
· De directe personele kosten van de afdelingen Ruimte en Samenleving zijn toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is op dit programma een nadeel ontstaan. Het grootste onderdeel hiervan zijn de salariskosten. Een totaalanalyse van de salariskosten is opgenomen in bijlage 1. -92
· Als gevolg van de coronapandemie zijn extra niet begrote kosten gemaakt voor de inhuur van personeel voor toezicht en handhaving. Deze kosten zijn gedeeltelijk gedekt vanuit de rijksbijdrage voor extra kosten toezicht en handhaving. De overige kosten worden gedekt uit de daarvoor ingestelde reserve, waardoor dit geen effect heeft op het saldo van de jaarrekening. -177
Baten:
· Als gevolg van de coronapandemie is een rijksbijdrage ontvangen voor de extra kosten toezicht en handhaving. Deze zijn ingezet als dekking voor de extra uitgaven. 123

9 | Bedrijvigheid

Bedragen x € 1.000
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging Werkelijk 2021 Verschil 2021
Lasten 678 1.126 928 198
Baten 8 8 -15 -23
Saldo -670 -1.118 -943 175
Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000
Lasten: .
· In de begroting was uitgegaan van kosten voor o.a. het actieprogramma economische visie en toekomstkracht. Deze worden gedekt uit de reserve herstel- en stimulering. De kosten zullen voor een groot deel in 2022 gemaakt worden. Op dit programma ontstaat daardoor een voordeel. Daar staat een lagere onttrekking van die reserve tegenover. 115
· Er is rekening gehouden met uitgaven voor toekomstbestendige bedrijventerreinen. De kosten daarvan zijn op programma 7 geboekt en deels gedekt door subsidie, waardoor er op dit programma een voordeel ontstaat. 60

10 | Weer aan het werk

Bedragen x € 1.000
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging Werkelijk 2021 Verschil 2021
Lasten 14.853 15.092 15.823 -731
Baten 6.793 6.793 8.206 1.413
Saldo -8.060 -8.299 -7.617 682
Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000
Lasten: .
· In maart 2020 is de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) in werking getreden. De regeling heeft tot doel om zelfstandigen tijdelijk in hun levensonderhoud te voorzien en een lening te kunnen verstrekken voor bedrijfskapitaal om hiermee hun bedrijf tijdens de coronacrisis in stand te kunnen houden. Gemeenten voeren deze regeling uit en hebben hiervoor een specifieke uitkering van het Rijk ontvangen. De door de gemeenten gemaakte kosten worden voor elke gemeente individueel op basis van nacalculatie volledig vergoed (zie ook baten). De uitvoering van de Tozo vindt plaats door het GROS (Gemeentelijk Regionaal Ondernemers Steunpunt en is een samenwerkingsverband van de gemeenten Apeldoorn en Deventer). De uitvoeringskosten worden ook uit deze kostenplaats bekostigd. Dit maakt onderdeel uit van het contract met Apeldoorn voor werk en inkomen. -973
· Door de extra inzet op dienstverlening om mensen met een uitkering naar werk te begeleiden, is het aantal mensen met een uitkering lager dan verwacht. Door deze daling zijn de kosten van de uitkeringen lager en ontstaat er een voordeel op de lasten. Het resultaat wordt verrekend met de reserve BUIG en heeft daardoor geen invloed op het saldo van de jaarrekening. 326
· Conform de uitgangspunten vastgesteld in de kadernota Participatiewet is vanaf 2015 het reïntegratiedeel van het participatiebudget met name ingezet voor de kansrijke klanten via zoveel mogelijk groepsgerichte aanpak. Binnen de begroting is uitgegaan van de door het Rijk opgelegde taakstelling voor beschut werk. In 2021 is het niet haalbaar gebleken om deze taakstelling te halen. Dit beeld is ook landelijk zichtbaar. Dit zorgt voor een voordeel van € 57.000. Daarnaast zijn er op diverse andere onderdelen binnen de Participatiewet nog enkele voor- en nadelen. In totaal zorgt dit voor een voordeel binnen de Participatiewet van € 127.000 wat gestort wordt in de reserve Participatie. 127
· In 2021 heeft een verrekening plaatsgevonden voor het WMO-abonnementstarief over de jaren 2020 en 2021. In 2020 heeft deze verrekening niet plaatsgevonden waardoor er in 2020 een voordeel is ontstaan binnen het minimabeleid. Deze verrekening van de jaren 2020 en 2021 heeft een groot aandeel in het eenmalige tekort van € 78.000 binnen het minimabeleid. Het tekort wordt verrekend met de daarvoor ingestelde reserve. De baten zijn te vinden op programma 3. -78
· In de prestatieafspraken met Lucrato is opgenomen dat het deel binnen het Participatiebudget dat bedoeld is voor Wsw-oud volledig overgaat van de gemeenten Epe, Apeldoorn en Heerde naar Lucrato. De raming was gebaseerd op de meicirculaire 2020. Het Wsw-budget is in de meicirculaire 2021 naar boven bijgesteld waardoor het verschil is ontstaan. Deze bijstelling heeft geen invloed op het saldo van de jaarrekening. 141
· In de begroting 2021 is budget beschikbaar gesteld voor de verhoging van de indviduele studietoeslag. De aanpassing van de verordening is nog niet afgerond in 2021 wat zorgt voor een voordeel van € 45.000. 45
· De directe personele kosten van de afdelingen Ruimte en Samenleving toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is er een nadeel ontstaan. Het grootste onderdeel hiervan zijn de salariskosten. Een totaalanalyse van de salariskosten is opgenomen in bijlage 1. -92
· Door de coronacrisis zijn op dit programma uitgaven verantwoord die niet waren begroot. Deze extra uitgaven worden gedekt door de van het rijk ontvangen compensatie-uitkering verantwoord op programma algemene dekkingsmiddelen). In de paragraaf corona is een analyse en toelichting opgenomen op het geheel van de uitgaven en inkomsten in 2021 als gevolg van de coronacrisis. -293
Baten:
· In maart 2020 is de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) in werking getreden. Tegenover deze inkomsten staan verstrekkingen (zie lasten). De kosten en baten zijn in evenwicht en hebben geen invloed op het resultaat. 973
· Door de landelijke toename van de uitkeringsgerechtigden is de rijksbijdrage BUIG naar boven bijgesteld. Dit geeft een voordeel van € 280.000. In 2021 heeft een terugbetaling plaatsgevonden van € 43.000 van een in 2016 en 2017 ontvangen voorschot. De herziening van de voorzienigen dubieuze debiteuren levert een voordeel op van € 91.000. Per saldo ontstaat een voordeel. Het resultaat wordt verrekend met de reserve BUIG en heeft daardoor geen invloed op het saldo van de jaarrekening. 328
· Gemeente Apeldoorn heeft als centrumgemeente een Europese subsidie ontvangen voor de uitvoering van beleid binnen de participatiewet. Dit betreft de subsidie voor 2014-2017 en 2017-2020. Op basis van het aantal deelnemers per gemeente worden beide subsidies verdeeld. Voor Epe betekent dit dat voor 2014-2017 en voor 2017-2020 totaal een bedrag van € 103.000 ontvangen wordt dat niet begroot was. Het voordeel wordt gestort in de reserve en heeft daarmee geen effect op het jaarrekeningresultaat. 103
· Door de coronacrisis zijn op dit programma inkomsten verantwoord die niet waren begroot. In de paragraaf corona is een analyse en toelichting opgenomen op het geheel van de uitgaven en inkomsten in 2021 als gevolg van de coronacrisis. 52

11 | Bestuur en organisatie

Bedragen x € 1.000
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging Werkelijk 2021 Verschil 2021
Lasten 3.300 3.273 3.374 -101
Baten 404 404 438 34
Saldo -2.896 -2.869 -2.936 -67
Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000
Lasten: .
· Als gevolg van de verhoging van de voorgeschreven rekenrente voor de berekening van de noodzakelijke hoogte van de voorziening van pensioenen voor politieke ambtsdragers, is in 2021 de begrote storting in de voorziening niet noodzakelijk. 122
· Als gevolg van het vertrek zijn in het kader van Algemene Pensioenwet Politieke Ambtsdragers twee wethouders begeleid. -45
· Bij het btw compensatiefonds is een nadeel ontstaan als gevolg van een herrekening van het mengpercentage op algemene kosten. -43
· De uitgaven voor herstel van schades die niet onder de verzekeringsdekking vallen of onverzekerbaar zijn (waarvoor op dit programme een stelpost is opgenomen), zijn elders verantwoord (op programma 1, onderwijsgebouwen). Per saldo is een voordeel ontstaan ad. € 29.000. 35
· In de begroting is een stelpost opgenomen in verband met beperking van de toerekening van apparaatskosten aan de grondexploitatie en investeringswerken. Per saldo € 11.000. De realisatie van deze post vindt plaats doordat in 2021 minder uren zijn toegerekend aan grondbedrijf en investeringen. De extra realisatie in 2021 bedraagt € 143.000 (nadelig, meer toegerekend aan de exploitatie). Daarnaast is de in de begroting opgenomen stelpost voor beleidsintensiveringen ter grootte van € 17.000 in 2021 niet ingezet. 28
· Het aantal verstrekte verklaringen omtrent gedrag is lager dan begroot. De afdracht van de rijksleges vallen hierdoor lager uit. 28
· De directe personele kosten van de afdelingen Ruimte, Samenleving en de (voormalig) bestuurders zijn toegerekend aan dit programma. Ten opzichte van de begroting is op dit programma een nadeel ontstaan. Het grootste onderdeel hiervan zijn de salariskosten. Een totaalanalyse van de salariskosten is opgenomen in bijlage 1. -161
· Als gevolg van corona zijn er meer kosten gemaakt voor de verkiezingen. Het rijk heeft via de algemene uitkering extra inkomsten voor de verkiezingen beschikbaar gesteld in de decembercirculaire 2020 in verband met corona (€ 48.000). -54
Baten:
· De leges van naturalisatie zijn hoger, omdat de aantallen hoger waren dan begroot. 29

Algemene dekkingsmiddelen

Bedragen x € 1.000
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging Werkelijk 2021 Verschil 2021
Lasten 467 465 604 -139
Baten 61.219 61.412 64.444 3.032
Saldo 60.752 60.947 63.840 2.893
Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000
Lasten: .
· Het resultaat op de rentelasten bestaat uit het saldo van lagere externe rentelasten en hogere interne rentelasten (rente over 'eigen financiering', reserves en voorzieningen). Door een lagere doorberekening van de rente aan de programma's ontstaat een voordeel op de programma's, maar een nadeel op dit programma. Per saldo is op dit programma sprake van een negatief renteresultaat (€ 90.000). De interne rentelasten worden als bespaarde rente toegevoegd aan het totaal van de reserves en voorzieningen; in bijlage 2 is een totaalanalyse van de kapitaallasten (rente en afschrijving) opgenomen. -328
· De noodzakelijke toevoeging aan de voorziening voor het risico van oninbare vorderingen is in 2021 lager dan begroot. 108
· In de begroting is een stelpost voor onvoorziene uitgaven opgenomen. Deze is niet ingezet, waardoor een voordeel is ontstaan. 91
Baten:
· De raming van de algemene uitkering is gebaseerd op de meicirulaire 2020. De daarop volgende circulaires tot en met de decembercirculaire leveren een fors voordeel op als gevolg van: - compensatie corona: € 1.785.000 - extra aanvulling middelen jeugdhulp: € 700.000 - diverse taakmutaties o.a inburgering, verbetering dienstverlening, wsw etc. die leiden tot extra lasten: € 263.000 - verrekeningen over 2019 en 2020: € 90.000 - accres, bcf en hoeveelheidsverschillen: nihil Alleen de laatste twee hebben effect op het rekeningsresultaat (€ 90.000 voordeel). 2.838
· De bespaarde rente over de eigen financieringsmiddelen valt per saldo hoger uit dan waarmee op dit programma in de begroting rekening was gehouden. Het totaal aan eigen financieringsmiddelen was hoger dan waarmee in de begroting rekening werd gehouden; daardoor ontstaat een voordeel. De bespaarde rente wordt toegevoegd aan de reserves, waardoor dit voordeel geen invloed heeft op het saldo van de jaarrekening. 193
· De recreatiesector heeft een uitstekend jaar achter de rug. Het aantal overnachtingen is fors hoger dan geraamd. Dit heeft geleid tot een hogere opbrengst toerisenbelasting 62
· De grondslagen bij de niet-woningen zijn lager dan waarmee in de begroting rekening is gehouden. Dit leidt tot een lagere OZB-opbrengst. -45
· De grondslagen voor de forensenbelasting vallen hoger uit. Daarnaast zijn er ook meer objecten die onder forensenbelasting vallen. Dit zorgt voor een hogere opbrengst in 2021. 27

Overhead

Bedragen x € 1.000
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging Werkelijk 2021 Verschil 2021
Lasten 9.657 10.590 11.207 -617
Baten 124 124 523 399
Saldo -9.533 -10.466 -10.684 -218
Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000
Lasten: .
· Het budget voor juridische advisering is overschreden met name als gevolg van het inhuren van een deskundige in een schadestaatprocedure. -76
· De directe personele kosten van de afdelingen Ruimte en Samenleving zijn toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is op het programma Overhead een nadeel ontstaan. Het grootste onderdeel hiervan zijn de salariskosten. Een totaalanalyse van de salariskosten is opgenomen in bijlage 1. -1.367
· Voordeel kapitaallasten: in bijlage 2 is een totaalanalyse van de kapitaallasten opgenomen. 884
· Door de coronacrisis zijn op dit programma uitgaven verantwoord die niet waren begroot. Deze extra uitgaven worden gedekt door de van het rijk ontvangen compensatie-uitkering verantwoord op programma algemene dekkingsmiddelen). In de paragraaf corona is een analyse en toelichting opgenomen op het geheel van de uitgaven en inkomsten in 2021 als gevolg van de coronacrisis. -32
Baten: .
· Tijdens het masterplan vindt gelijktijdig groot onderhoud plaats. Het onderhoud was geraamd in 2020 maar is deels doorgeschoven naar 2021. Hierdoor is de werkelijke onttrekking aan de voorziening groot onderhoud gemeentehuis hoger dan begroot. Deze hogere onttrekking aan de voorziening groot onderhoud gemeentehuis heeft geen effect op het saldo van de jaarrekening. 236
· De directe personele kosten/inkomsten van de afdelingen Ruimte en Samenleving zijn toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is op het programma Overhead een voordeel ontstaan. Het grootste onderdeel hiervan zijn de salariskosten. Een totaalanalyse van de salariskosten is opgenomen in bijlage 1. 158

Verplichte indicatoren

Verplichte indicatoren vanuit de regelgeving bij dit programma.
Indicator 2019 2020 2021
Overheadkosten Begroot 12,5% 12,2% 10,7%
De overheadkosten zoals begroot op taakveld 0.4 gedeeld door het totaal saldo van lasten (exclusief toevoegingen aan reserve).
Overheadkosten Werkelijk * 12,3% 11,5% 12,9%
De overheadkosten zoals verantwoord op taakveld 0.4 gedeeld door het totaal saldo van lasten (exclusief toevoegingen aan reserve).
* voor nadere toelichting: zie de toelichting in programma 11 bij de indicatoren aparaatskosten en externe inhuur.

Resultaatbestemming

Bedragen x € 1.000
Begroting 2021 Begroting 2021 na wijziging Werkelijk 2021 Verschil 2021
Lasten 10.340 14.896 23.097 -8.201
Baten 8.904 16.379 17.688 1.309
Saldo -1.436 1.483 -5.409 -6.892

Onder de 'mutaties in de reserves' wordt weergegeven welke toevoegingen en onttrekkingen aan reserves zijn gedaan in de jaarrekening. Het betreffen toevoegingen en onttrekkingen die zijn opgenomen in de begroting of uitvoering zijn van bestaand beleid. In onderstaande analyse worden de grotere afwijkingen (> € 50.000) tussen de begrote en werkelijke toevoegingen en onttrekkingen vermeld. Met het vaststellen van de jaarstukken gaat de gemeenteraad akkoord met de afwijkingen in de toevoegingen en onttrekkingen.

 

Toelichting op mutaties in lasten en baten
+ is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000
Lasten (toevoegingen aan reserves): .
· De toevoeging aan de reserve huisvesting onderwijsvoorzieningen bestaat uit de geplande toevoeging van € 500.000 die in de begroting was opgenomen. Daarnaast zijn conform eerdere besluitvorming gerealiseerde opbrengsten precariobelasting toegevoegd aan de reserve huisvesting onderwijsvoorzieningen. De opbrengst 2021 is rechtstreeks toegevoegd aan deze reserve en niet eerst toegevoegd en onttrokken aan de reserve precariobelasting. -2.414
· De toevoeging aan de reserve onderhoud wegen is € 1.050.000 hoger dan begroot. In de begroting is een structureel budget opgenomen voor het onderhoud van de wegen op basis van de onderhoudsniveaus in het wegenbeleidsplan en de daarop aanvullend genomen raadsbesluiten. Als in enig jaar meer of minder wordt uitgegeven voor het onderhoud dan het reguliere structurele budget dan wordt dit verrekend met de reserve (lagere uitgaven leiden tot een storting, hogere uitgaven leiden tot een onttrekking). In 2021 zijn minder uitgaven gedaan dan het structurele budget. -1.050
· De toevoeging aan de reserve openbare verlichting is € 57.000 hoger dan begroot. Voortschrijdend inzicht leidde tot de conclusie dat de voorziening voor het onderhoud van de openbare verlichting (remplace van lampen) achterhaald is. Bij de vervanging van lampen wordt niet meer alleen de lamp vervangen, maar de hele armatuur in het kader van vervanging naar LED. De voorziening voor het onderhoud van de openbare verlichting is dan ook opgeheven en het saldo is toegevoegd aan de vervangingsreserve. -57
· De toevoeging aan de reserve vervanging bruggen is € 88.000 hoger dan begroot. In 2021 blijkt bij de afronding van de beschikbaar gestelde kredieten dat er minder middelen nodig waren voor de uitvoering dan destijds aangenomen. Dit bedrag is vanuit de kapitaallastenreserve weer toegevoegd aan de reserve vervanging bruggen om in de toekomst de vervanging van bruggen te kunnen blijven bekostigen. -88
· De terugbetaling van een subsidie aan de gemeente, vanwege het niet uitvoeren van de renovatie bij een van de voetbalvelden, is weer toegevoegd aan de reserve renovatie kunst- en natuurgrasvelden. -63
· Aan de reserve risico's sociaal domein is het (per saldo) voordelige resultaat op het sociaal domein toegevoegd. Dit resultaat is onder andere ontstaan door voordelen bij de uitgaven voor dagbesteding en het jeugdwet vervoer. Daarnaast is opnieuw een voordelig resultaat ontstaan in het kader van het financieel convenant voor de uitvoering van maatschappelijke opvang en beschermd wonen (MO/BW) en was er een eenmalig voordeel bij de verrekening voor het WMO-abonnementstarief over de jaren 2020 en 2021. Een nadeel ontstond bij de uitgaven voor jeugdzorg (zorg in natura, langere en intensievere zorgtrajecten). Zie voor een nadere specificatie en toelichting hierop de analyses in programma 1 en 3. -1.443
· Vanaf 2015 is het reïntegratiedeel van het participatiebudget met name ingezet voor de kansrijke klanten via zoveel mogelijk groepsgerichte aanpak. In 2021 waren de uitgaven lager dan begroot. Daarnaast is een voordeel ontstaan door de ontvangst van een Europese subsidie voor de uitvoering van beleid binnen de participatiewet (2014-2020, € 103.000, zie programma 10); deze subsidie was niet begroot. Ook is de extra bijdrage aan Lucrato lager dan begroot. Deze voordelen zijn toegevoegd aan de reserve participatie. -243
· Op een aantal plannen van de bouwgrondexploitatie konden winsten worden verantwoord; deze zijn conform het beleid toegevoegd aan de reserve bouwgrondexploitatie, waardoor dit geen invloed heeft op het saldo van de jaarrekening. Winsten worden niet op voorhand in de begroting geraamd, maar er is al wel rekening mee gehouden bij de bepaling van de noodzakelijke hoogte van de reserve bij de begroting 2021 (zie programma 5). -246
· Door diverse oorzaken is een voordeel ontstaan op de uitvoering van de BUIG (uitkeringen inkomensvoorzieningen). Het aantal mensen met een uitkering is lager dan verwacht (door extra inzet op begeleiding naar werk), de uitkering van het rijk is hoger dan begroot en er is een voordelig resultaat ontstaan bij de herziening van de voorziening voor het risico van oninbare vorderingen. Het voordelige resultaat dat per saldo is ontstaan, is toegevoegd aan de reserve BUIG, waardoor er geen effect is op het resultaat van de jaarrekening (zie programma 10). -730
· De storting in de reserve afval was niet begroot. Hiervoor zijn diverse oorzaken. Bij het bepalen van de tarieven is uitgegaan van lagere aantallen aanbiedingen van afval dan gerealiseerd, waardoor een hogere opbrengst is ontstaan. De verhaalbare lasten zijn hoger dan geraamd. De vergoeding voor PMD is hoger dan geraamd. Er is minder kwijtschelding verleend dan geraamd. Per saldo is er een voordeel dat aan de reserve is toegevoegd. -156
· Doordat er meer (grote) bouwaanvragen in 2021 zijn gedaan dan begroot, is een groter dan verwacht deel van de opbrengst (boven het geraamde 'basisbedrag') toegevoegd aan de reserve egalisatie opbrengst bouwleges. -502
· Binnen de budgetten voor personeelskosten zijn incidentele bedragen/budgetten gereserveerd, die niet zijn ingezet in 2021. Deze budgetten worden overgeheveld naar 2022 voor inzet ten behoeve van knelpunten, door deze toe te voegen aan de reserve organisatieontwikkeling/ langdurig zieken. -199
· Aan de reserve ICT is een bedrag van € 83.000 toegevoegd uit de beschikbare middelen i.v.m. realisatie van het masterplan gemeentehuis ter dekking van de kapitaallasten van de ict-investeringen. -83
· Door het later dan gepland starten van projecten en door langere en cyclische doorlooptijden, worden (in de begroting) eenmalig beschikbare middelen later dan begroot toegevoegd aan de reserve kapitaallasten. In 2021 speelde dit met name bij de renovatie van het gemeentehuis (masterplan). -644
· De toevoeging aan de reserve bespaarde rente, alsmede de toevoeging voor waardecorrectie aan de reserves is hoger dan geraamd, omdat deze gebaseerd zijn op de beginstand van de reserves en voorzieningen. De beginstand van de reserves en voorzieningen was hoger dan waarvan bij het opstellen van de begroting was uitgegaan, waardoor ook de toevoeging hoger is. -177
Baten (onttrekkingen aan reserves):
· De onttrekking aan de reserve onderhoud wegen is € 207.000 lager dan begroot. Omdat verwachte extra uitgaven in samenhang met vervangingsprojecten riolering (wijk Hoge Weerd) zich niet hebben voorgedaan, behoefden deze uitgaven niet te worden onttrokken aan de reserve groot onderhoud wegen. -207
· Omdat de vervanging van de openbare verlichting cyclisch (op projectbasis) plaats vindt, fluctueren de jaarlijkse lasten hiervan. Doordat de uitgaven in 2021 hoger waren dan het gemiddelde, is ook de dekking uit de reserve hoger. 77
· Door het later dan gepland uitvoeren en gereed komen van de renovatie van het gemeentehuis (masterplan), zijn ook de geplande onttrekkingen aan de reserves eenmalige dekkingsmiddelen en toekomstbestendige organisatie (incl. huisvesting) later (2021) uitgevoerd dan begroot. 480
· In 2020 is gestart met het realiseren van ombuigingen binnen het sociaal domein. Om beleid te intensiveren, projecten op te starten en om tijd te overbruggen waren eenmalige middelen beschikbaar. De middelen ter overbrugging van het tekort ad € 390.000 behoefden nog niet ingezet te worden in 2021, waardoor de onttrekking aan de reserve risico's sociaal domein lager is. -390
· De onttrekking aan de reserve minimabeleid is hoger dan begroot; dit wordt met name veroorzaakt door hogere uitgaven voor de nieuw opgezette compensatie voor de eigen bijdrage (ingaande 2020). Doordat de eigen bijdrage over 2020 pas in 2021 duidelijk werd, is in 2021 voor twee jaar aan eigen bijdrage verrekend. Dit zorgde voor een toevoeging aan de reserve in 2020 en een onttrekking in 2021. 79
· Diverse uitgaven op het gebied van personeel en organisatie, waarvoor middelen zijn gereserveerd in de reserve organisatieontwikkeling / langdurige ziekte, worden gedekt door een onttrekking aan deze reserve. Doordat sommige geplande uitgaven waren uitgesteld of een langere looptijd hadden, is een hoger bedrag onttrokken dan begroot. 334
· Omdat de uitgaven en investeringen die uit de reserve ICT worden gedekt, lager waren dan geraamd (met name door het nog niet afronden van enkele projecten zoals av-middelen, BRP), is ook de dekking (onttrekking) uit de reserve ICT-investeringen lager. -283
· Conform besluitvorming door de raad is de gerealiseerde opbrengst precariobelasting, die nog in de reserve precariobelasting zat, hieraan onttrokken en toegevoegd aan de reserve huisvesting onderwijsvoorzieningen (zie onder de lasten). 2.414
· Voor diverse investeringen uit het investeringsplan worden de kapitaallasten gedekt door een onttrekking aan de reserve kapitaallasten. Door het nog niet realiseren of afronden van (een deel van) deze investeringen, zijn nog geen kapitaallasten geboekt en daarom vindt ook nog geen dekking uit de reserve plaats. De kapiaallasten worden conform het financieel beleid voor het eerst geboekt in het jaar na afronding van de investering. Zie ook de analyse van de kapitaallasten (bijlage 2). Daarnaast is € 88.000 onttrokken en weer toegevoegd aan de reserve vervanging bruggen (zie onder de lasten). -397
· in 2021 is minder onttrokken aan de reserve herstel- en stimuleringsagenda (corona), doordat een deel van de middelen voor het uitwerkingsplan stimuleringsbudgetten nog niet zijn ingezet. Daarnaast is het saldo van de ontvangen compensatie van het rijk en de gedane uitgaven toegevoegd aan de reserve. -842

Overzicht van algemene dekkingsmiddelen

Verplichte indicatoren vanuit de regelgeving bij dit programma.
Indicator 2018 2019 2020 2021
Woonlasten éénpersoonshuishouden 544 602 605 609
Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een éénpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten.
Woonlasten meerpersoonshuishouden 620 679 689 679
Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een meerpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten.
WOZ-waarde woningen 275 290 314 325
De gemiddelde WOZ waarde van woningen in 1.000 euro.
Specificatie algemene dekkingsmiddelen
In de onderstaande tabel treft u het overzicht aan van de algemene dekkingsmiddelen. Deze inkomsten kenmerken zich door hun vrije bestedingsdoel. Voor de analyse van de belangrijkste verschillen wordt verwezen naar de financiële analyse algemene dekkingsmiddelen.
 
Begroot 2021 Begroot 2021  na wijziging Realisatie 2021
- Onroerend zaakbelasting 6.047 6.047 6.004
- Hondenbelasting 68 68 66
- Precariobelasting 2.086 2.070 2.059
- Forensenbelasting 342 342 369
- Toeristenbelasting 749 749 811
- Opbrengst belastingen algemeen -699 -691 -706
- Kosten 460 468 491
Subtotaal lokale heffingen 8.133 8.117 8.112
- Algemene uitkering 51.271 51.473 54.322
- Dividend uitkering 131 131 116
- Saldo financieringsfunctie 1.444 1.444 1.309
- Overige algemene dekkingsmiddelen -127 -127 -20
Totale algemene dekkingsmiddelen 60.852 61.038 63.839
Verschillen in optelling ontstaan door afronding.

Toelichting:

Lokale heffingen:
Betreft de heffingen waarvan de bestedingen niet wettelijk gebonden zijn. Voor meer informatie over de bruto-opbrengsten uit lokale heffingen wordt verwezen naar de paragraaf lokale heffingen. De opbrengst algemeen omvat de teruggevorderde invorderingskosten, alsmede de uitgekeerde woonlastenverlichting. De kosten betreft de aan Tribuut betaalde bijdrage in verband met deze heffingen.

Algemene uitkering:
Het gepresenteerde bedrag voor de algemene uitkering is inclusief het budget Wmo en verrekeningen die betrekking hebben op voorgaande jaren.

Dividend:
Dividend wordt ontvangen van de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) en van waterbedrijf Vitens.

Saldo financieringsfunctie:
Onder het saldo van de financieringsfunctie wordt verstaan het saldo van (a) de betaalde rente over de aangegane leningen en over de aangetrokken middelen in rekening courant en (b) de ontvangen rente over de uitzettingen.

Overige algemene dekkingsmiddelen:
Dit is de toegerekende rente over de eigen financieringsmiddelen en overige niet aan de andere categorieën toe te rekenen algemene dekkingsmiddelen.

Overzicht aanwending post Onvoorzien

In de onderstaande tabel wordt de (eventuele) aanwending van het in de begroting opgenomen bedrag voor onvoorziene uitgaven verantwoord.

(bedragen in euro) Bedrag
Begroting 2021 101.000
Begroting 2021 na wijziging 91.000
Besteding 2021 -
Saldo onvoorzien per einde boekjaar 91.000

Overzicht incidentele lasten en baten

bedragen in € 1.000 Incidentele lasten Incidentele baten
Begroting Begroting na wijziging Realisatie Begroting Begroting na wijziging Realisatie
1. Opgroeien in Epe - - - - - -
2. Actief in Epe - 545 248 - - 85
3. Zorg en Opvang - - - - - -
4. Leefbaar en veilig - - - - - -
5. Ruimte en wonen 200 323 388 - - 302
6. Epe op orde 10 - - - - -
7. Duurzaamheid - - - - - -
8. Toezicht en handhaving - - - - - -
9. Bedrijvigheid - 136 136 - - -
10. Weer aan het werk - - 915 - - 915
11. Bestuur en Organisatie - - - - - -
Overhead - 220 220 - - -
Algemene dekkingsmiddelen - 8 - 2.070 2.086 2.075
Mutaties in reserves 8.858 8.847 21.906 6.657 5.200 17.140
Totaal 9.068 10.078 23.813 8.727 7.286 20.517
Uit het overzicht blijkt dat de in deze jaarrekening verantwoorde incidentele lasten hoger zijn dan de incidentele baten. Hieruit wordt geconcludeerd dat de structurele lasten worden gedekt door structurele baten en een deel van de incidentele lasten gedekt wordt uit structurele baten. Uitgaven en inkomsten die voortkomen uit Corona zijn bestempeld als structureel met uitzondering van de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo).
Toelichting incidentele bedragen in de realisatie > € 50.000:
Programma 2:
· Stimuleringsregeling jeugd €159.000
· Sportakkoord 2020-2022 € 85.000
Programma 5:
· Invoering van de Omgevingswet € 314.000.
· Verkoopopbrengst snippergroen € 59.000 van onroerend goed en de daaruit voortvloeiende eenmalige kosten € 56.000
· Opbrengst vanuit bouwgrondexploitatie € 245.000.
Programma 9:
· Programma Veluwe-op-1: aanleg van routes en paden € 132.000.
Programma 10:
· Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) € 914.000
Overhead:
· Backoffice systeem Sociaal Domein € 109.000
· Archiefbewaarplaats € 93.000
Algemene dekkingsmiddelen:
· Ontvangen Precariobelasting € 2.059.000
Mutaties in reserves (groter dan € 500.000):
· Toevoeging aan de Reserve risico sociaal domein € 1.360.000
· Toevoeging aan de Reserve BUIG € 730.000
· Onttrekking aan de Reserve ICT € 528.000
· Toevoeging egalisatie bouwleges € 501.000
· Toevoeging Structuurvisies dorpscentra € 1.100.000
· Toevoeging Huisvesting onderwijsvoorzieningen € 4.903.000
· Toevoeging Herstel en Stimuleringsagenda € 5.004.000
· Onttrekking Herstel en Stimuleringsagenda € 1.198.000

Overzicht van structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves

Dit overzicht ondersteunt bij de bepaling en de beoordeling van het structurele evenwicht voor 2021.

 

Structurele toevoeging Structurele onttrekking
Bedragen in € 1.000 Begroting Begroting na wijziging Realisatie Begroting Begroting na wijziging Realisatie
Eenmalige dekkingsmiddelen - - - 500 500 -
ICT investeringen 445 445 445 512 512 378
Vervanging openbare verlichting 276 276 - - - -
Vervanging bruggen 72 72 - - - -
Onderhoud Abri's 9 9 8 - - -
Aflossing achtergestelde lening Vitens 43 43 43 43 43 43
Verkoop aandelen VNB 24 24 24 98 98 -
Aflossing achtergestelde lening Nuon 38 38 38 38 38 38
Egalisatie winstuitkering Nuon 11 11 11 54 54 -
Overdracht RGV fietspaden - - - 47 47 -
Meubilair gymlokalen 22 22 - 20 20 -
Participatie - - - 26 26 -
Huisvesting onderwijsvoorziening 500 500 - 26 26 -
Starterslening 52 52 44 8 8 8
Dekking kapitaallasten - - - 875 875 389
Totaal 1.492 1.492 613 2.247 2.247 856

Bezoldiging topfunctionarissen

De Wet Normering Topinkomens (WNT) stelt een maximum aan de bezoldiging van topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector.
De toegekende bezoldigingen liggen onder de bezoldigingsnorm.

Gegevens 2021 C. Kats D. Kattenberg
Functiegegevens: Gemeentesecretaris Griffier
Aanvang en einde dienstverband 1-1 t/m 31-12 1-1 t/m 31-12
Omvang dienstverband (in fte) 1 0,89
Dienstbetrekking ja ja
Bezoldiging 2021:
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen 109.232 81.364
Beloningen betaalbaar op termijn 20.654 14.602
Subtotaal 129.886 95.966
Individueel toepasselijk WNT-maximum 209.000 186.010
Onverschuldigd betaald bedrag n.v.t. n.v.t.
Totale bezoldiging 2021: 129.886 95.966
Motivering indien overschrijding n.v.t. n.v.t.
Toelichting vordering onverschuldigde betaling n.v.t. n.v.t.
Gegevens 2020
Aanvang en einde dienstverband 1/1 - 31/12 1-1 t/m 31-12
Omvang dienstverband (in fte) 1 0,89
Dienstbetrekking ja ja
Bezoldiging 2020:
Beloning 108.243 74.861
Beloningen betaalbaar op termijn 19.601 13.440
Subtotaal 127.844 88.301
Toepasselijk WNT-maximum 201.000 178.667
Onverschuldigd betaald bedrag n.v.t. n.v.t.
Totale bezoldiging 2020: 127.844 88.301

Gerealiseerde baten en lasten per taakveld

Programma / taakvelden Baten Lasten Saldo
Programma 1: Opgroeien in Epe 972.934 14.391.303 -13.418.370
4.1 Openbaar basisonderwijs - 185.253 -185.253
4.2 Onderwijshuisvesting 79.915 1.471.026 -1.391.111
4.3 Onderwijsbeleid en leerling zaken 874.086 2.288.195 -1.414.109
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie - 125.704 -125.704
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 18.933 804.555 -785.622
6.2 Wijkteams - 802.878 -802.878
6.72 Maatwerkdienstverlening 18- - 7.151.777 -7.151.777
6.82 Geëscaleerde zorg 18- - 644.589 -644.589
7.1 Volksgezondheid - 917.325 -917.325
Programma 2: Actief in Epe 655.546 4.535.533 -3.879.987
5.1 Sportbeleid en activering 97.809 507.280 -409.471
5.2 Sportaccommodaties 495.428 1.593.718 -1.098.289
5.3 Cultuur: presentatie, productie, participatie - 691.889 -691.889
5.4 Musea - 646.283 -646.283
5.6 Media 58.006 1.096.363 -1.038.357
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 4.302 4.302
Programma 3: Zorg en opvang 1.507.394 11.290.289 -9.782.894
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 1.050 1.257.376 -1.256.326
6.2 Wijkteams 96 857.611 -857.515
6.3 Inkomensregelingen 14.275 336.028 -321.754
6.4 Begeleide participatie - 828.792 -828.792
6.5 Arbeidsparticipatie - - -
6.6 Maatwerkvoorziening (WMO) - 1.089.940 -1.089.940
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ 434.579 5.788.401 -5.353.822
6.72 Maatwerkdienstverlening 18- - 518.682 -518.682
6.81 Geëscaleerde zorg 18+ 1.028.545 275.746 752.799
7.1 Volksgezondheid 28.850 337.713 -308.863
Programma 4: Leefbaar en veilig 37.191 2.486.451 -2.449.260
1.1 Crisisbeheersing en brandweer - 2.269.405 -2.269.405
1.2 Openbare orde en veiligheid 37.191 157.416 -120.224
8.3 Wonen en bouwen - 59.631 -59.631
Programma 5: Ruimte en wonen 4.172.338 4.085.034 87.304
0.3 Beheer overige gebouwen en gronden 1.852.962 664.480 1.188.482
5.4 Musea 121.534 275.688 -154.154
5.5 Cultureel erfgoed - 40.952 -40.952
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 42.143 63.994 -21.852
8.1 Ruimtelijke ordening 157.882 1.116.542 -958.660
8.2 Grondexploitatie (niet-bedrijven terreinen) 665.209 359.802 305.406
8.3 Wonen en bouwen 1.332.609 1.563.575 -230.966
Programma 6: Epe op orde 1.432.588 5.712.840 -4.280.252
2.1 Verkeer en vervoer 79.732 2.899.807 -2.820.075
2.2 Parkeren 1.554 22.126 -20.572
2.5 Openbaar vervoer - 1.809 -1.809
5.5 Cultureel erfgoed - - -
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie 211.921 1.774.761 -1.562.840
7.5 Begraafplaatsen en crematoria 1.139.381 1.014.337 125.044
Programma 7: Duurzaamheid 7.741.414 7.533.977 207.437
0.64 Belastingen overig - 161 -161
7.2 Riolering 2.830.085 2.388.839 441.246
7.3 Afval 4.650.567 3.504.661 1.145.906
7.4 Milieubeheer 260.762 1.640.317 -1.379.555
Programma 8: Toezicht en handhaving 220.806 928.982 -708.175
1.2 Openbare orde en veiligheid 197.306 765.007 -567.701
8.1 Ruimtelijke ordening - 102.839 -102.839
8.3 Wonen en bouwen 23.500 61.136 -37.636
Programma 9: Bedrijvigheid -15.095 928.098 -943.194
2.1 Verkeer en vervoer - - -
3.1 Economische ontwikkeling - 200.947 -200.947
3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen - 127.750 -127.750
3.4 Economische promotie -15.095 399.267 -414.363
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie - 200.134 -200.134
Programma 10: Weer aan het werk 8.206.170 15.822.662 -7.616.492
6.3 Inkomensregelingen 8.102.715 10.074.575 -1.971.860
6.4 Begeleide participatie - 4.149.513 -4.149.513
6.5 Arbeidsparticipatie 103.455 732.217 -628.762
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ - 866.358 -866.358