Meer
Publicatiedatum: 30-06-2020

Inhoud

Programma onderdelen

Bijlagen

1 | Analyse salariskosten

Inleiding

In deze bijlage wordt een totaalanalyse gegeven van de salariskosten, zoals deze in deze jaarrekening zijn verwerkt. In de financiële analyses van de afzonderlijke programma’s wordt hiernaar verwezen.

Onderstaande analyse heeft betrekking op de geraamde en werkelijke salariskosten, inclusief uitgaven voor inhuur van derden. De salariskosten zijn aan de programma’s toegerekend op basis van de bij de begroting 2019 bepaalde verdeelsleutel, gebaseerd op de tijdsbesteding van medewerkers aan taakvelden c.q. programma’s. Het overzicht is inclusief de salariskosten van de raad en burgemeester en wethouders.

Analyse

De post salarisuitgaven is circa 15,2% van de totale lasten (voor bestemming) van de gemeente.

Budgetopbouw
  salariskosten 14.198.000
salariskosten gedekt uit reserves (o.a. organisatieontwikkeling) 592.000
salariskosten in voortgangsrapportage 148.000
vergoeding voor detachering - 69.000
subsidies e.d. 61.000
Totaal budget salariskosten (A) 14.930.000
Bestedingen
  salarisuitgaven 11.621.000
inhuur extern (ivm ziekte, zwangerschap, vacatures, projecten) 2.190.000
storting in de reserve organisatie ontwikkeling/generatiepact 203.000
Ontvangsten
  detacheringsvergoedingen, ouderschapsverlof, zwangerschapsverlof en WAO/UWV gelden -130.000
Totaal bestedingen en ontvangsten (B) 14.884.000
 
Saldo salariskosten (A-B), voordeel 46.000

 


Het voordelige verschil wordt voor  € 142.000 veroorzaakt door lagere salariskosten als gevolg van een lagere loonkostenstijging   dan begroot (€ 107.000) en door de vacature van de burgemeester (€ 35.000). De uitkering aan wachtgelden voor wethouders was € 49.000 hoger dan begroot. De overige verschillen laten een nadeel zien van € 47.000.

Toerekening salariskosten aan investeringen en grondbedrijf

Van alle salariskosten wordt jaarlijks een deel toegerekend aan investeringen en bouwgrondexploitatie. Deze toegerekende kosten komen daarmee niet ten laste van de reguliere exploitatie. Omdat door deze wijze van toerekenen (personele) lasten worden doorgeschoven naar de toekomst, is een aantal jaren geleden (mede op advies van de provincie) er voor gekozen om in de begroting stapsgewijs een stelpost op te bouwen, waarmee deze toerekening kan worden afgebouwd. Er wordt binnen de organisatie op gestuurd om deze toerekening ook daadwerkelijk te verminderen. Dit heeft geleid tot een daling in de afgelopen jaren, waardoor de exploitatie meer wordt belast.

 

Effect in 2019
In 2019 heeft dit er toe geleid dat minder uren zijn toegerekend aan grondbedrijf en investeringen dan waarvan bij de begroting was uitgegaan. Het betreft een bedrag van € 187.000. Dit heeft een nadelig effect op het resultaat van de jaarrekening.

2 | Analyse kapitaallasten

Inleiding

In deze bijlage wordt een totaalanalyse gegeven van de kapitaallasten, zoals deze in de jaarrekening zijn verwerkt. In de financiële analyses van de afzonderlijke programma’s wordt hiernaar verwezen.

Begroting en werkelijkheid

Begrote kapitaallasten (rente en afschrijving) 5.051.000
Werkelijke kapitaallasten (rente en afschrijving) 4.235.000
Saldo (voordeel) 816.000
 
Dit voordeel wordt in hoofdlijnen veroorzaakt door investeringen waarvan de realisatie nog niet is gestart of later is opgestart en nog niet volledig is uitgevoerd dan waarvan in de begroting was uitgegaan. Hiervoor waren in de begroting al wel kapitaallasten opgenomen.

Analyse op productniveau

De verschillen doen zich voor op de volgende producten (verschillen groter dan € 25.000):
 
Voordelen:
Wegen 79.000
Openbare Verlichting 43.000
Verkeer 233.000
Afkoppelen hemelwater (riolering) 73.000
Vrijverval riolering 56.000
Gemeentehuis - 32.000
Automatisering / ICT 293.000
Totaal Voordeel 745.000

 

Extra afschrijvingen
In 2019 zijn geen extra afschrijvingen gedaan.

 
 

Financiering (renteresultaat)

Het verschil tussen begrote en werkelijke rentelasten/doorberekende rente is € 233.000 nadelig. 
De werkelijke (interne en externe) rentelasten zijn in 2019 nagenoeg gelijk aan de begroting. Door een lagere boekwaarde van de materiële vaste activa is van de totale rentelasten echter een lager bedrag aan rente via de kapitaallasten toegerekend aan de programma’s. Daardoor is het eigenlijke voordeel op de kapitaallasten lager.

Meerjareninvesteringsplan (MIP)

Het verschil tussen de begrote en de werkelijke kapitaallasten is € 558.000 voordelig. 

Dit betreft de in de begroting opgenomen stelposten voor kapitaallasten voor investeringen in het meerjareninvesteringsplan (uitgezonderd het deel waarvan de kapitaallasten gedekt worden door een onttrekking aan de reserve kapitaallasten (€ 279.000); tegenover de lagere kapitaallasten staat een lagere onttrekking aan deze reserve).

Vanaf 2019 is (conform de afspraken in het coalitieprogramma) niet meer op voorhand in de begroting rekening gehouden met het voordeel dat in de regel ontstaat doordat voor geplande investeringen in 2019 nog geen kapitaallasten worden geboekt in de jaarrekening (‘onderuitputting’).

Invloed op het saldo van de jaarrekening

Om te bepalen wat het effect is op het saldo van de jaarrekening wordt het bedrag van € 816.000  (voordeel) aangevuld met:

  1. het renteresultaat (zie hierboven): - € 233.000
  2. het resultaat op stelposten uit het meerjareninvesteringsplan (zie hierboven): € 558.000
  3. een lagere doorberekening van kapitaallasten van investeringen voor begraafplaatsen en riolering; dit voordeel van € 74.000 wordt verrekend met de desbetreffende reserve/voorziening; bij de bepaling van de opbrengst en tarieven bij de volgende begrotingsbehandeling wordt dit voordeel betrokken;
  4. het voordeel op kapitaallasten van de ict investeringen, waarvan de kapitaallasten gedekt worden uit de ict reserve; tegenover de lagere kapitaallasten staat een lagere onttrekking aan de reserve ict (€ 293.000); deze middelen blijven in de reserve beschikbaar voor de geplande toekomstige uitgaven/kapitaallasten;
  5. het voordeel op kapitaallasten van andere investeringen, waarvan de kapitaallasten gedekt worden door een onttrekking aan de reserve kapitaallasten (€ 279.000); tegenover de lagere kapitaallasten staat een lagere onttrekking aan deze reserve;
 
Recapitulatie

Het resultaat hiervan is dat de kapitaallasten het saldo van de jaarrekening 2019 positief beïnvloed hebben met € 495.000.

Kapitaallasten overhead

Een deel van de kapitaallasten komt niet rechtstreeks tot uitdrukking op de reguliere programma’s in de programmarekening. Het betreffen de kapitaallasten van investeringen in de overhead (zoals automatisering, huisvesting, bedrijfsmiddelen). Deze lasten worden verantwoord op het programma overhead.

Afgesloten kredieten

In 2019 zijn er kredieten afgesloten met een positief en een negatief saldo. In deze paragraaf worden de in 2019 afgesloten kredieten waarop een kostenoverschrijding of onderschrijding groter dan € 25.000 heeft plaatsgevonden toegelicht. Met het vaststellen van de jaarrekening stemt de raad in met alle kostenoverschrijdingen.
 
Komgrensmaatregelen en fietsoversteek Apeldoornseweg Zuid.
De kosten zijn € 33.000 hoger uitgevallen ten opzichte van de raming. Dit komt doordat er aanvullende, niet voorziene werkzaamheden uitgevoerd moesten worden. Dit betrof het aanpassen van de hoogte van het fietspad ter hoogte van de gerealiseerde verkeersgeleider(s), het aanvullen van de strook langs de rijbaan met beton voor de benodigde stabiliteit in verband met zwaar vrachtverkeer en het afvlakken van de druppel op de kruising met de Laan van Fasna.
 
Vervanging drukriool 2019

De kosten voor de vervanging van drukriool in 2019 zijn € 36.000 hoger uitgevallen. Het vervangen van drukriool wordt per deelgebied uitgevoerd waarbij elk cluster in één keer vervangen wordt, halverwege ophouden is daarbij geen optie.

Vervanging netwerkcomponenten
De kosten voor vervanging zijn binnen andere budgetten opgevangen en daarmee valt een investeringskrediet van € 60.000 vrij en blijft beschikbaar in de reserve ict.
 
Vervanging openbare verlichting 2019
De vervanging van de openbare verlichting wordt gebaseerd op het beleidsplan met als financiële basis de daarin opgenomen budgetten. In de investeringsbegroting is voor elk jaar een gelijk bedrag beschikbaar echter in de praktijk volgt de vervanging en de daarmee gepaard gaande kosten niet hetzelfde jaarlijks gelijkblijvend patroon maar fluctueert per jaar. In 2019 is daardoor minder uitgegeven dan begroot. Echter dat bedrag blijft in de reserve vervanging openbare verlichting, die deze investeringsuitgaven dekt, beschikbaar zodat de tegengestelde cyclus in volgende jaren opgevangen kan worden.  
 
Riool bergbezink voorziening Beekstraat
Door diverse werkzaamheden te combineren kon het riool bergbezink voorziening aan de Beekstraat aanzienlijk goedkoper worden aangelegd. Het ontstane voordeel is reeds opgenomen in het meerjareninvesteringsplan voor de komende jaren.
 
Computerapparatuur raadsleden
Door een wijziging in de regeling voor vergoeding van computerapparatuur raadsleden waarbij geen apparatuur meer verstrekt wordt maar een vergoeding gegeven wordt, zijn er minder kosten gemaakt (€25.000). 

3 | Toelichting bij paragraaf Financiering

Kasgeldlimiet

bedragen in euro Begroting 2019 Werkelijkheid 2019
1e kwartaal 2e kwartaal 3e kwartaal 4e kwartaal
Toegestane kasgeldlimiet
In procenten van de grondslag 8,50% 8,50% 8,50% 8,50% 8,50%
In euro’s (1) 7.645.000 7.645.000 7.645.000 7.645.000 7.645.000
Omvang vlottende korte schuld
Opgenomen gelden < 1 jaar 5.000.000 4.667.000 1.667.000 - -
Schuld in rekening-courant - - - -
Totaal vlottende korte schuld (2) 5.000.000 4.667.000 1.667.000 - -
Vlottende middelen
Contante gelden in kas - - - - -
Tegoeden in rekening-courant - 3.113.000 3.695.000 4.260.000 2.548.000
Totaal vlottende middelen (3) - 3.113.000 3.695.000 4.260.000 2.548.000
Toets kasgeldlimiet
Toegestane kasgeldlimiet (1) 7.645.000 7.645.000 7.645.000 7.645.000 7.645.000
Totaal netto vlottende schuld (4) = (2) - (3) 5.000.000 1.554.000 -2.028.000 -4.260.000 -2.548.000
Ruimte (+) / Overschrijding (-) =(1) – (4) 2.645.000 6.091.000 9.673.000 11.905.000 10.193.000

Renterisiconorm

Renterisiconorm en renterisico’s op vaste schuld 2019
bedragen in euro Begroting Rekening
Renterisico op vaste schuld
Renteherziening op vaste schuld o/g (1a) - -
Renteherziening op vaste schuld u/g (1b) - -
Netto renteherziening op vaste schuld (1) = (1a) - (1b) - -
Te betalen aflossingen (2) 70.000 70.000
Renterisico op vaste schuld (3) = (1) + (2) 70.000 70.000
Renterisiconorm
Begrotingstotaal (4) 89.950.000 89.950.000
Het bij ministeriële regeling vastgesteld percentage (5) 20% 20%
Renterisiconorm (6) = (4) * (5) 17.990.000 17.990.000
Toets renterisiconorm
Renterisiconorm (6) 17.990.000 17.990.000
Rente op vaste schuld & aflossingen (7) 70.000 70.000
Ruimte (+) / Overschrijding (-); (8) = (6) – (7) 17.920.000 17.920.000

Renteschema

Renteschema 2019
bedragen in euro begroting rekening
Rentelasten en rentebaten
Externe rentelasten over korte en lange financiering (1a) 56.600 6.252
Externe rentebaten (idem) (1b) 10.000 13.552
Saldo rentelasten en rentebaten (1) = (1a) - (1b) 46.600 -7.300
Rente die aan het grondbedrijf moet worden doorberekend - -
Rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend - -
Rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken, die aan het betreffend taakveld moet worden doorgerekend - -
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente 46.600 -7.300
Rente over eigen vermogen 1.609.000 1.839.455
Rente over voorzieningen - -
Totaal aan taakvelden toegerekende rente 1.655.600 1.832.155
Aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) 1.751.200 1.734.264
Renteresultaat op het taakveld Treasury 95.600 -97.891